Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 25,64 is geen verweer gevoerd. De wettelijke rente zal daarom worden toegewezen zoals gevorderd.
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland op 15 januari 2026 uitspraak gedaan over de vraag of een consument buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten moet betalen. De consument, aangeduid als [gedaagde], betwistte de verschuldigdheid van deze kosten, omdat zij stelde geen sommatiebrieven te hebben ontvangen. De overeenkomst was tot stand gekomen tussen een handelaar en de consument, wat leidde tot een ambtshalve toetsing van de Algemene Voorwaarden van de zorgverzekeraar op oneerlijke bedingen. De kantonrechter oordeelde dat de zorgverzekeraar voldoende bewijs had geleverd dat de sommatiebrieven, waaronder een veertiendagenbrief, naar het juiste adres en e-mailadres van de consument waren verzonden en daar waren aangekomen. Het verweer van de consument werd verworpen, wat leidde tot toewijzing van de vordering van de zorgverzekeraar.
De procedure omvatte een dagvaarding, conclusie van antwoord, repliek en dupliek. De consument had een basisverzekering en een aanvullende verzekering afgesloten, waarbij de vorderingen op de consument waren overgedragen aan de zorgverzekeraar. De kantonrechter oordeelde dat de consument de verschuldigde premies erkende, maar verweer voerde tegen de incassokosten en proceskosten. De kantonrechter concludeerde dat de Algemene Voorwaarden geen oneerlijke bedingen bevatten en dat de zorgverzekeraar recht had op de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten, die aan de wettelijke eisen voldeden. De proceskosten werden ook toegewezen aan de zorgverzekeraar, omdat de consument in het ongelijk was gesteld. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.