Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:2118

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
6 februari 2026
Publicatiedatum
3 maart 2026
Zaaknummer
11945041
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:652 lid 2 BWArt. 7:628 BWArt. 7:671 lid 1 onder b BWArt. 7:681 lid 1 onder a BWArt. 130 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging proeftijdontslag wegens ontbreken schriftelijk proeftijdbeding en toewijzing loonvordering

De werknemer trad op 1 september 2025 in dienst bij The Blue Zone Hoofddorp als vestigingsmanager voor 12 maanden, zonder schriftelijk proeftijdbeding in de arbeidsovereenkomst. Op 30 september 2025 werd de arbeidsovereenkomst tijdens een vermeende proeftijd beëindigd, maar de werknemer stelde dat dit onrechtmatig was omdat geen proeftijdbeding was overeengekomen.

De kantonrechter oordeelde dat het ontbreken van een schriftelijk proeftijdbeding betekent dat er geen proeftijd geldt en dat de opzegging daarom niet rechtsgeldig was. De werkgever kon niet aantonen dat de beëindiging gerechtvaardigd was, ook niet met verwijzing naar de cao of financiële problemen.

De arbeidsovereenkomst bleef daardoor na 30 september 2025 bestaan en de werkgever werd veroordeeld tot doorbetaling van het loon vanaf 1 oktober 2025 tot het moment van een rechtsgeldige beëindiging. Tevens werd een wettelijke verhoging van 30% en wettelijke rente toegewezen over de periode oktober tot en met december 2025 wegens te late betaling. De proceskosten werden aan de werkgever opgelegd.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en is op 6 februari 2026 door de kantonrechter M.A.J. Berkers in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De opzegging van de arbeidsovereenkomst wordt vernietigd en de werkgever wordt veroordeeld tot doorbetaling van loon met wettelijke verhoging en rente.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer / rekestnummer: 11945041 \ AO VERZ 25-139
Beschikking van 6 februari 2026
in de zaak van
[verzoeker],
te [plaats],
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoeker],
gemachtigde: mr. S.P. van Kempen (Stichting Achmea Rechtsbijstand),
tegen
THE BLUE ZONE HOOFDDORP B.V.,
te Hillegom,
verwerende partij,
hierna te noemen: The Blue Zone,
procederend in persoon
De zaak in het kort
In deze zaak verzoekt de werknemer om vernietiging van een proeftijdontslag door de werkgever. De kantonrechter wijst het verzoek toe. De opzegging is niet (rechts)geldig, omdat tussen partijen geen proeftijdbeding is overeengekomen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met drie producties
- aanvullende stukken van [verzoeker] van 7 januari 2026
- de mondelinge behandeling van 9 januari 2026, waarvan proces-verbaal is opgemaakt
- aanvullende stukken van The Blue Zone van 9 januari 2026
- de (schriftelijke) eiswijziging van [verzoeker] tijdens de mondelinge behandeling.
1.2.
Na de mondelinge behandeling is de zaak op verzoek van partijen een week aangehouden voor minnelijk overleg. Bij e-mails van 15 januari 2026 hebben partijen verzocht om beschikking te wijzen, omdat geen overeenstemming over een schikking was bereikt.
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.Feiten

2.1.
The Blue Zone is een kinderopvangorganisatie in Hoofddorp. Enig aandeelhouder van The Blue Zone is The Blue Zone Holding B.V. [betrokkene] is middellijk bestuurder van The Blue Zone.
2.2.
[verzoeker], geboren [geboortedatum] 1973, is op 1 september 2025 bij The Blue Zone in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor de duur van 12 maanden. De functie van [verzoeker] is vestigingsmanager met een loon van € 2.926,67 bruto per maand exclusief emolumenten op basis van 24 uur per week.
2.3.
Op de arbeidsovereenkomst is de cao Kinderopvang (hierna: cao van toepassing verklaard. In artikel 3.1 van de cao staat in welke situaties de werkgever en de medewerker schriftelijk een proeftijd van maximaal twee maanden kunnen afspreken.
2.4.
Op 30 september 2025 heeft The Blue Zone mondeling en schriftelijk aan [verzoeker] laten weten dat de arbeidsovereenkomst in de proeftijd wordt beëindigd met ingang van 30 september 2025.
2.5.
Bij brief van 2 oktober 2025 heeft [verzoeker] The Blue Zone (bij monde van haar gemachtigde) laten weten dat de opzegging in strijd met de wettelijke bepalingen is, omdat geen proeftijd is overeengekomen, waarbij zij The Blue Zone aansprakelijk is gesteld voor de schade voortvloeiend uit de opzegging.
2.6.
The Blue Zone heeft het salaris tot en met september 2025 en de transitievergoeding aan [verzoeker] (na-)betaald.

3.Het (gewijzigde) verzoek

3.1.
Na een eiswijziging op de mondelinge behandeling, verzoekt [verzoeker] de kantonrechter om de opzegging van de arbeidsovereenkomst te vernietigen en The Blue Zone te veroordelen tot betaling van het loon van € 2.926,81 bruto per maand vanaf 1 oktober 2025, vermeerderd met de wettelijke verhoging van 50% en wettelijke rente en met veroordeling van The Blue Zone in de proceskosten.
3.2.
[verzoeker] legt aan het verzoek ten grondslag dat partijen geen proeftijdbeding zijn overeengekomen, waardoor de opzegging moet worden vernietigd en er loon moet worden doorbetaald, omdat [verzoeker] al die tijd beschikbaar is geweest.
3.3.
The Blue Zone heeft mondeling verweer gevoerd. Zij heeft (samengevat) aangevoerd dat er in de cao een proeftijd van twee maanden staat, maar dat die bij vergissing niet in de arbeidsovereenkomst is opgenomen. De arbeidsovereenkomst van [verzoeker] is opgezegd, omdat de verhuurder de huurovereenkomst van het pand in Hoofddorp heeft beëindigd, waardoor de onderneming moest worden opgeheven. Het overige personeel is zelf weggegaan dan wel is een andere functie aangeboden. The Blue Zone is technisch failliet door een negatief eigen vermogen.

4.De beoordeling

4.1.
Aanvankelijk had [verzoeker] verzocht om The Blue Zone te veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding gelijk aan het resterende loon tot de oorspronkelijk overeengekomen einddatum, maar ter zitting heeft zij dit verzoek (schriftelijk) veranderd in een verzoek tot vernietiging van de opzegging met loondoorbetaling tot de oorspronkelijk overeengekomen einddatum. De kantonrechter acht deze wijziging toelaatbaar, omdat hij tijdig (vóór de einduitspraak) is gedaan en niet in strijd is met de eisen van een goede procesorde. [1] Het gewijzigd verzoek is tijdens de zitting met partijen besproken, waarbij The Blue Zone zich inhoudelijk over het gewijzigd verzoek heeft uitgelaten.
4.2.
Het gaat in deze zaak om de vraag of de (proeftijd-)opzegging moet worden vernietigd en zo ja, of The Blue Zone moet worden veroordeeld tot betaling van loon. De kantonrechter beantwoordt deze vragen bevestigend en legt dat hieronder uit.
4.3.
In artikel 7:652 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) is vastgelegd dat een proeftijd schriftelijk overeengekomen moet worden. Dit vereiste is van dwingend recht; indien de proeftijd niet schriftelijk is overeengekomen wordt de proeftijd geacht niet te zijn bedongen.
4.4.
In het geval van [verzoeker] staat vast dat in de arbeidsovereenkomst geen proeftijdbeding is opgenomen. The Blue Zone heeft verwezen naar de cao waarin een proeftijd zou staan. In artikel 3.1 van de cao staat echter alleen beschreven in welke situaties partijen een proeftijd overeen kunnen komen. Daarmee wordt dus slechts de mogelijkheid gegeven om een proeftijd af te spreken, maar het is vervolgens aan partijen zelf om van die mogelijkheid gebruik te maken door schriftelijk een proeftijd overeen te komen. Dat is in het geval van [verzoeker] niet gebeurd, waardoor er geen proeftijd geldt. Dat dit een fout is geweest, zoals The Blue Zone heeft aangevoerd, maakt de situatie niet anders. Een dergelijke fout komt voor rekening en risico van The Blue Zone. Ook de slechte financiële situatie van The Blue Zone (die overigens niet met stukken is onderbouwd) leidt niet tot een ander oordeel.
4.5.
Het verzoek tot vernietiging van de opzegging wordt toegewezen, omdat de arbeidsovereenkomst zonder proeftijdbeding is opgezegd. [2]
4.6.
Het gevolg van de vernietigde opzegging is dat de arbeidsovereenkomst na 30 september 2025 is blijven bestaan. The Blue Zone is daarom verplicht het loon ook na die datum door te betalen. Deze verplichting vloeit voort uit artikel 7:628 BW Pro. Daarin is bepaald dat de werkgever verplicht is het loon te betalen, ook indien de werknemer de overeengekomen arbeid niet heeft verricht, tenzij de overeengekomen arbeid niet is verricht door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van de werknemer behoort te komen. Dat sprake zou zijn van een dergelijke uitzonderingssituatie is niet gesteld door The Blue Zone en evenmin aan de kantonrechter gebleken. De oorzaak dat [verzoeker] niet heeft gewerkt is immers gelegen in omstandigheden die in de risicosfeer van The Blue Zone liggen. [verzoeker] heeft na 30 september 2025 geen arbeid meer verricht, omdat The Blue Zone haar had ontslagen en vervolgens de onderneming heeft beëindigd. Ook nadat The Blue Zone erop was gewezen dat de opzegging niet rechtsgeldig was, heeft zij [verzoeker] niet meer in de gelegenheid gesteld (de eigen of andere passende) arbeid te verrichten, zoals zij dat bij andere personeelsleden wel heeft gedaan.
4.7.
Het verzoek van [verzoeker] tot loonbetaling vanaf 1 oktober 2025 zal worden toegewezen. De gevorderde wettelijke verhoging en de wettelijke rente over het achterstallig loon over de periode oktober 2025 tot en met december 2025 zullen ook worden toegewezen, omdat vast staat dat The Blue Zone over die periode te laat heeft betaald. De wettelijke verhoging wordt gematigd tot 30%. Over de periode vanaf 1 januari 2026 is een veroordeling tot betaling van wettelijke verhoging (nog) niet aan de orde omdat de kantonrechter niet weet of en zo ja in hoeverre het salaris over die maand te laat is betaald.
4.8.
De proceskosten komen voor rekening van The Blue Zone, omdat The Blue Zone ongelijk krijgt. De proceskosten aan de zijde van [verzoeker] worden begroot op € 1.122,00 (€ 257,00 aan griffierecht en € 865,00 aan salaris gemachtigde).

5.De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
vernietigt de opzegging van de arbeidsovereenkomst,
5.2.
veroordeelt The Blue Zone tot betaling aan [verzoeker] van het overeengekomen loon van € 2.926,81 bruto per maand vanaf 1 oktober 2025 tot de dag dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd,
5.3.
veroordeelt The Blue Zone tot betaling aan [verzoeker] van wettelijke verhoging van 30% wegens te late betaling van het achterstallige loon over de periode van 1 oktober 2025 tot en met 31 december 2025 en de wettelijke rente over het achterstallige loon over de periode van 1 oktober 2025 tot en met 31 december 2025 vanaf de verschuldigdheid van de respectieve loontermijnen tot de dag van gehele betaling,
5.4.
veroordeelt The Blue Zone in de proceskosten van € 1.122,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
5.5.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad [3] .
Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.J. Berkers en in het openbaar uitgesproken op 6 februari 2026.

Voetnoten

1.Artikel 130 in Pro verbinding met 283 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).
2.Artikel 7:671 lid 1 onder Pro b BW in verbinding met artikel 7:681 lid 1 onder Pro a BW.
3.Uitvoerbaar bij voorraad betekent dat de veroordelingen in de beschikking uitgevoerd moeten worden, ook als eventueel in hoger beroep wordt gegaan.