ECLI:NL:RBNHO:2026:2514

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 maart 2026
Publicatiedatum
11 maart 2026
Zaaknummer
C/15/364232 / HA ZA 25-235
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Kortingsafspraken blijven gelden voor bestaande leden na beëindiging samenwerking

Fys'Optima en SpotOnMedics (SOM) hadden sinds 2014 een samenwerkingsovereenkomst waarbij SOM kortingen gaf aan leden van Fys'Optima op softwarelicenties. Na beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst per 1 januari 2026 ontstond onenigheid over de vraag of SOM de kortingen aan bestaande leden moest blijven verlenen.

De rechtbank stelde vast dat de bepalingen in de overeenkomst tegenstrijdig waren en dat een louter taalkundige uitleg onvoldoende was. Toepassing van de Haviltex-norm leidde tot de conclusie dat de kortingsafspraken voor bestaande leden blijven gelden zolang zij lid zijn van Fys'Optima, ook na het einde van de samenwerkingsovereenkomst.

De rechtbank nam daarbij mee dat SOM sinds 2014 de kortingen ononderbroken verleende, dat communicatie richting leden dit bevestigde, en dat SOM pas in 2023 een wijziging wenste door te voeren die niet was vastgelegd. De vordering tot nakoming met terugwerkende kracht en schadevergoeding werd afgewezen omdat SOM de kortingen tijdens de procedure bleef verlenen.

SOM werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat commerciële afspraken over kortingen aan leden ook na beëindiging van een samenwerkingsovereenkomst kunnen voortduren indien dit redelijkerwijs zo is overeengekomen.

Uitkomst: SpotOnMedics is gehouden de kortingsafspraken voor bestaande leden van Fys'Optima te blijven verlenen ook na beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst per 1 januari 2026.

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Holland

Handel, Kanton en Insolventie
Locatie Haarlem
Zaaknummer: C/15/364232 / HA ZA 25-235
Vonnis van 4 maart 2026
in de zaak van

1.FYS'OPTIMA B.V.,

gevestigd te Waalwijk,
2.
FYS.ACTIVE B.V.,
gevestigd te Waalwijk,
eisers,
hierna samen te noemen: Fys'Optima,
advocaat: mr. T. van Liempd,
tegen
SPOTONMEDICS B.V.,
gevestigd te Hoofddorp, gemeente Haarlemmermeer,
gedaagde,
hierna te noemen: SOM,
advocaat: mr. M.R. Ruygvoorn.
De zaak in het kort
Partijen hebben jarenlang samengewerkt. Fys’Optima kocht ten behoeve van haar leden software in bij SOM en SOM bood in ruil daarvoor kortingen aan op haar producten en diensten aan leden van Fys’Optima. De hamvraag in deze zaak is of SOM die kortingen ook moet blijven verlenen aan bestaande Fys’Optima-leden na het einde van de samenwerking tussen partijen. De rechtbank beantwoordt die vraag bevestigend.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 22 oktober 2025,
- de mondelinge behandeling van 23 januari 2026, waarbij beide advocaten spreekaantekeningen hebben overgelegd en voorgedragen en waarvan voor het overige door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is bepaald dat er een vonnis komt.

2.De feiten

2.1.
Fys'Optima is een faciliterende organisatie voor aangesloten fysiotherapiepraktijken, die haar leden ondersteunt door hun diensten en faciliteiten aan te bieden, onder andere met inkoopvoordelen. SOM is een softwareontwikkelaar en -leverancier voor (onder andere) fysiotherapiepraktijken.
2.2.
Partijen zijn op 25 december 2014 een samenwerkingsovereenkomst aangegaan inzake de inkoop door Fys'Optima van door SOM ontwikkelde en te ontwikkelen software voor fysiotherapiepraktijken, ten behoeve van de leden van Fys'Optima (hierna: de samenwerkingsovereenkomst).
2.3.
Op 23 september 2019 heeft Fys’Optima aan haar leden het volgende servicebericht verzonden, cc aan SOM:

Aankondiging beëindiging samenwerking Fys'Optima (…) en SpotOnMedics
(…)
Zoals u weet heeft SpotOnMedics sinds december 2014 een samenwerking met Fys’Optima (…) om over te kunnen stappen naar het FysioOne platform waarbij u korting krijgt op de licentiekosten. Middels dit bericht informeren wij uw praktijk over de beëindiging van deze samenwerking per eind 2019.
(…)
Uw Fys’Optima (…) licentie korting blijft behouden / FysioOne tarief 2020
ongewijzigd
De gebruikelijke korting die u als Fys’Optima partner (…) ontvangt blijft behouden. Dit geldt voor 2020 en ook voor de navolgende jaren: zolang als uw praktijk gebruik blijft maken van het FysioOne platform van SpotOnMedics.
(…)
Blijft mijn FysioOne licentie wel geldig als de samenwerkingsovereenkomst met
FysOptima wordt beëindigd?
Ja, uw praktijk heeft een individuele contract overeenkomst met SpotOnMedics afgesloten
voor de levering van FysioOne. Jaarlijks ontvangt u een factuur voor het gebruik van het
komende kalenderjaar. De factuur voor het gebruik van FysioOne ontvangt u in december
2019. Over de samenstelling en omvang van de licentie wordt tijdig met u contact opgenomen zodat de factuur straks geen verrassing voor u is. De gebruikelijke korting blijft
gehandhaafd.
2.4.
Op 27 november 2019 (met ingang van 2020) en laatstelijk op 23 juli 2021 zijn partijen nieuwe versies van de samenwerkingsovereenkomst aangegaan. In de versie van 23 juli 2021 staat voor zover relevant:

2. Vervanging Bestaande Overeenkomst door Nieuwe Overeenkomst
2.1.
Vanaf de Aanvangsdatum wordt de Bestaande Overeenkomst in zijn geheel vervangen door de Nieuwe Overeenkomst.
(…)
3. Kortingsafspraken
3.1.
De nieuwe samenwerkingsafspraken omvatten een FO-korting, welke FO kan aanbieden aan Leden, en wel als volgt:
3.1.1.
FO-leden vallende in de Bestaande Overeenkomst zijn, en blijven zolang ze Lid zijn, gerechtigd tot een korting van 25 procent op de Marktprijs.
(…)
3.1.3.
SOM zal op geen enkele wijze het Lid dat door beëindiging van de relatie met FO haar korting verliest deze korting aan het Lid, direct dan wel indirect, compenseren.
3.2.
SOM garandeert dat de in artikel 3.1.1 en 3.1.2 beschreven percentages gedurende de Nieuwe Overeenkomst in stand zullen blijven, en derhalve niet door toedoen van SOM – bijvoorbeeld door aanpassingen aan de Marktprijs – lager (kunnen) worden, als gevolg waarvan de (FO-lidmaatschaps-)voordelen voor Leden zou(den) kunnen verminderen.
(…)
8. Duur
8.1.
Deze Nieuwe Overeenkomst is aangegaan voor een periode van drie jaren (de ‘Basisperiode’), ingaande op de Aanvangsdatum, waarna de Nieuwe Overeenkomst doorloopt voor aansluitende periodes van telkens 1 jaar.
8.2.
Deze Nieuwe Overeenkomst kan schriftelijk worden opgezegd tegen het einde van een periode, voor de eerste maal aan het einde van de Basisperiode en vervolgens aan het einde ieder verlengingsperiode, met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste zes maanden.
(…)
8.4.
Artikelen uit deze Nieuwe Overeenkomst die er (tevens) op gericht zijn te werken na beëindiging daarvan, waaronder de artikelen 8, 9, 10 en 11, behouden ook na beëindiging van deze Nieuwe Overeenkomst hun gelding.
(…)
10.6.
De in deze Nieuwe Overeenkomst opgenomen bepalingen en eventuele bijlagen vormen de gehele rechtsverhouding tussen Partijen.”
2.5.
In aanloop naar de totstandkoming van de versie van 23 juli 2021 heeft [betrokkene] van SOM (hierna: [betrokkene]) op 16 juli 2021 per e-mail aan Fys'Optima geschreven, voor zover relevant:

(…) hierbij de nieuwesamenwerkingsovereenkomst. Het heeft aan onze kant wat meer tijd gekost, omdat we hem ook goed wilde laten checken.
(…)
Tijdens ons laatste overleg hebben we een aantal zaken besproken. Deze punten zijn allemaal in de overeenkomst verwerkt. Om later niet voor verrassingen te komen, hierbij de besproken punten en de wijze waarop wij ze in de overeenkomst hebben verwerkt:

Lid 3.1.3: Mocht een SOM klant niet langer lid zijn van Fys’Optima, dan zal deze niet langer gebruik mogen maken van het kortingspercentage en deze zullen wij ook niet compenseren. Deze korting zal echter ook niet naar FysOptima gaan.

Lid 5.1.4: Hierin hebben we opgenomen dat de bestaande SOM klanten die lid worden van Fys’Optimaweleen korting zullen ontvangen, echter zij tellen inderdaad niet mee in de provisie.

In artikel 8.5 hebben we opgenomen dat we na 12 tot 14 maanden na aanvangsdatum de samenwerking zullen evalueren. We hebben hierin opgenomen dat SOM de kortingspercentages kan aanpassen. Dit kan zowel omhoog als naar beneden. Uiteraard zullen bestaande klanten hier geen hinder van ondervinden.

Als de overeenkomst tussen SpotOnMedics en Fys’Optima om wat voor redenen toch wordt verbroken, zullen de bestaande klanten hun kortingspercentages behouden. De commissie zal echter komen te vervallen. (…)
2.6.
Naar aanleiding van een overleg tussen partijen op 10 mei 2023 heeft [betrokkene] een gespreksverslag aan Fys'Optima verzonden, waarin onder andere staat:
“•
We wensen beiden een langdurige nieuwe samenwerking van tenminste 5 jaar.
• De nieuwe afspraken hebben geen invloed op de afspraken uit het verleden met
bestaande klanten.
• SOM heeft al meerdere malen aangegeven dat korting zoals deze in voorgaande
overeenkomsten opgenomen is, niet meer gegeven kan worden. Korting gaat over
de jaarlijks terugkerende licentiekosten. De standaard licentiekosten zijn voor een
softwarebedrijf niet alleen erg belangrijk om winstgevend te zijn, maar ook om
het product te kunnen blijven doorontwikkelen. De korting zoals destijds met FO
is afgesproken is ontstaan vanuit een oude situatie waarin we een positie in de
markt wilden verwerven. Dit is naar de toekomst toe niet houdbaar. SOM geeft
aan dat korting altijd verbonden moet zijn aan commitment en dat betekent een
contract van 5 jaar, waarbij er 20% korting gegeven wordt.”
2.7.
Op 15 december 2023 heeft [betrokkene] per e-mail aan Fys'Optima onder andere wederom geschreven dat SOM de inhoud van de samenwerkingsovereenkomst in een nieuwe overeenkomst wenste te wijzigen:

(…) om concreet onze nieuwe samenwerking voor 2024 vast te leggen. (…) zodat we een streep kunnen trekken onder de huidige overeenkomst (…)”.
Ook is bij de e-mail een nieuw samenwerkingsvoorstel bijgevoegd, waarin is opgenomen:

De huidige overeenkomst is op 1-7-2021 ingegaan met een looptijd van 3 jaar, waardoor deze zal eindigen op 30-6-2024.”
Na het verstrijken van deze datum heeft SOM zich op het standpunt gesteld dat zij vanwege de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst de ingevolge die overeenkomst ten behoeve van leden van Fys'Optima verleende korting per 1 januari 2025 mocht stopzetten.
2.8.
Bij brief van 27 december 2024 heeft SOM aan Fys'Optima geschreven:

(…) Tussen partijen geldt deze Groepsovereenkomst als beëindigd per 1 juli 2024. Indien, en voor zover FO toch van mening zou zijn dat de Groepsovereenkomst na de Basisperiode (zoals gedefinieerd in de Groepsovereenkomst) overeenkomstig artikel 8.1 met 1 jaar is verlengd, zegt SOM hierbij de Groepsovereenkomst op per 1 juli 2025 overeenkomstig het bepaald van artikel 8.2 van de Groepsovereenkomst.
2.9.
De overeenkomst is in ieder geval per 1 januari 2026 beëindigd. SOM heeft in afwachting van de uitkomst van deze procedure toegezegd de korting voor leden van Fys'Optima tot nader order te continueren.

3.Het geschil

3.1.
Fys'Optima vordert bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis - samengevat en na eiswijziging ter zitting -:
Te verklaren voor recht dat de samenwerkingsovereenkomst door SOM buitengerechtelijk niet rechtsgeldig is opgezegd en dat deze voortduurt tot het moment van rechtsgeldige opzegging,
Te verklaren voor recht dat SOM gehouden is tot het blijven verlenen van de in de samenwerkingsovereenkomst opgenomen kortingen / kortingspercentages voor bestaande leden van Fys’Optima en Fys’Active, ook nadat de samenwerkingsovereenkomst zal zijn geëindigd, waarbij onder bestaande leden de leden op 1 januari 2026 wordt verstaan,
SOM te veroordelen tot nakoming, voor zover aan de orde met terugwerkende kracht, van hetgeen onder ii) is bepaald, op straffe van een dwangsom van € 2.500,00 voor elke dag dat SOM hieraan niet voldoet,
Te verklaren voor recht dat SOM toerekenbaar is tekortgeschoten door vanaf 1 januari 2026 niet te voldoen aan het onder ii) bepaalde, en de schade nader op te maken bij staat,
SOM te veroordelen in de proceskosten.
3.2.
Fys'Optima legt de afspraken die partijen hebben gemaakt over de kortingen voor Fys'Optima-leden voor onbepaalde duur zo uit dat de korting blijft gelden, ook als de samenwerkingsovereenkomst is beëindigd, zolang de fysiotherapiepraktijken lid blijven van Fys'Optima. Er is sprake van een bestendige lijn in de uitvoering van de eerdere versies van de samenwerkingsovereenkomst en het is bevestigd in de onderhandelingen over de laatstelijk tot stand gekomen overeenkomst. Fys'Optima verwijst daarvoor onder meer naar de e-mail van [betrokkene] van 16 juli 2021. Tot slot stelt Fys'Optima schade te hebben geleden, of te zullen lijden, in de vorm van claims van haar leden omdat SOM haar verplichtingen in dat kader niet nakomt.
3.3.
SOM betwist de vorderingen. Zij voert aan dat zij de samenwerkingsovereenkomst rechtsgeldig heeft opgezegd, dat deze per 1 juli 2024, althans 1 juli 2025, is beëindigd; daarmee is ook haar verplichting om korting aan Fys'Optima-leden te verlenen geëindigd. Alle leden van artikel 3 van Pro de samenwerkingsovereenkomst dienen namelijk in onderlinge samenhang worden gelezen en worden uitgelegd. Artikel 3.2 bepaalt dat SOM de kortingspercentages slechts gedurende de looptijd van de overeenkomst garandeert. Ook bepaalt artikel 8.4 dat artikel 3 geen Pro gelding behoudt na beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst. Tenslotte is de e-mail van [betrokkene] van 16 juli 2021 geen onderdeel van de overeenkomst, gelet op de ‘entire agreement-clause’ van artikel 10.6. Daarnaast wijst SOM erop dat het nooit de bedoeling geweest is van SOM om een levenslange korting aan Fys'Optima-leden te verstrekken, hetgeen zeer ongebruikelijk is en zwaar drukt op haar bedrijfsvoering.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

De bepalingen over de korting zijn tegenstrijdig en dienen te worden uitgelegd
4.1.
Het belangrijkste geschilpunt tussen partijen ziet op de vraag of SOM ook na het (definitieve) einde van de samenwerkingsovereenkomst gehouden is de overeengekomen kortingspercentages op haar diensten te blijven verlenen aan Fys'Optima-leden. Primair voert SOM aan dat de tekst van de samenwerkingsovereenkomst zodanig duidelijk is op dit punt dat, mede omdat het een commerciële overeenkomst betreft, uitsluitend een taalkundige uitleg van de relevante bepalingen volstaat. In dat kader is relevant dat artikel 3.2 verwijst naar de artikelen 3.1.1 en 3.1.2 zodat deze uitsluitend in samenhang kunnen worden gelezen. De in artikel 3.1.1 genoemde korting is daarom alleen gegarandeerd gedurende de looptijd van de samenwerkingsovereenkomst, terwijl artikel 8.4 bevestigt dat artikel 3 geen Pro gelding behoudt na de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst.
4.2.
De rechtbank overweegt dat de bovenstaande bepalingen zodanig tegenstrijdig zijn dat niet uitsluitend kan worden uitgegaan van de tekst daarvan en dat de bepalingen dus, zoals Fys'Optima stelt, moeten worden uitgelegd. Op zichzelf staand kan artikel 3.1.1 namelijk zo worden begrepen dat Fys'Optima-leden onder de enkele voorwaarde van het hebben van een lidmaatschap gerechtigd zijn en blijven tot een korting, zoals Fys'Optima betoogt. Dit terwijl de artikelen 3.1 en 3.2 het slechts hebben over afspraken gedurende de looptijd van de overeenkomst, zoals SOM betoogt. Naar oordeel van de rechtbank is er vanwege deze tegenstrijdigheid geen meer voor de hand liggende taalkundige betekenis van de bepalingen, als de overeenkomst op zichzelf wordt beschouwd. Om die reden biedt het grammaticaal uitleggen van de bepalingen onvoldoende uitsluitsel.
4.3.
Het is daarom ook relevant wat partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen mochten toekennen en wat zij wat dat betreft redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten, mede gelet op de maatschappelijke positie van partijen en de bij hen aanwezige rechtskennis (de Haviltex-norm). De omstandigheden van het geval kunnen er wel aanleiding toe geven dat aan objectieve aanknopingspunten, zoals de in een overeenkomst gekozen bewoordingen, in beginsel doorslaggevende betekenis wordt toegekend (de CAO-norm). Tussen de meer subjectieve uitleg op grond van de Haviltex-norm en een meer objectieve uitleg op grond van de CAO-norm bestaat geen tegenstelling, maar een vloeiende overgang.
SOM is gehouden de kortingen te blijven verstrekken aan bestaande Fys'Optima-leden
4.4.
De rechtbank oordeelt dat de omstandigheden van het geval en de benoemde uitlegmaatstaf in dit geval maken dat artikel 3 van Pro de samenwerkingsovereenkomst zo moet worden uitgelegd dat bestaande Fys'Optima-leden zolang zij lid zijn van Fys’Optima hun recht op korting op de licentiekosten behouden, ook als de samenwerkingsovereenkomst tussen partijen definitief is beëindigd. Dat wordt hierna toegelicht.
4.5.
De rechtbank houdt bij de uitleg van de bepalingen rekening met de volgende omstandigheden van het geval.
4.5.1.
Partijen zijn een ‘entire agreement-clause’ en een ‘survival-clause’ overeengekomen, waarin artikel 3 niet Pro genoemd is. Het enkele feit dat partijen in de samenwerkingsovereenkomst een ‘entire agreement-clause’ zijn overeengekomen staat er niet zonder meer eraan in de weg dat voor de uitleg van de in de samenwerkingsovereenkomst vervatte bepalingen betekenis wordt toegekend aan verklaringen die zijn afgelegd, in het stadium voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst (HR 5 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY8101,
Lundiform/Mexx). Het kan er wel aan bijdragen dat meer gewicht wordt toegekend aan de meest voor de hand liggende taalkundige betekenis van artikel 3, maar zoals eerder overwogen is die betekenis in dit geval niet zonder meer af te leiden zonder ook de overige omstandigheden van het geval daarbij te betrekken. Ook de ‘survival-clause’ is niet van doorslaggevende betekenis. Weliswaar staat artikel 3 niet Pro als zodanig in artikel 8.4 genoemd, maar het artikel heeft meer in het algemeen betrekking op artikelen die naar hun aard bedoeld gelding te behouden na het einde van de overeenkomst, spreekt uitdrukkelijk van
waaronderen is dus niet beperkt tot de wel genoemde artikelen.
4.5.2.
Ook is relevant dat partijen al sinds 2014 zaken met elkaar doen. Het staat vast dat SOM al sinds het begin van de samenwerking in 2014 korting op licentiekosten aanbiedt aan Fys'Optima-leden
voor onbepaalde tijd. De achtergrond van die kortingen voor onbepaalde tijd was dat SOM een positie in de markt wilde verwerven. Dat de kortingen ook bedoeld waren om voor onbepaalde tijd te gelden blijkt uit de samenwerkingsovereenkomst versie 2014 en correspondentie vanuit partijen richting Fys’Optima-leden. Zo heeft Fys’Optima in het servicebericht van 23 september 2019, dus na de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst uit 2014 en voordat partijen een nieuwe overeenkomst hadden gesloten in 2019, haar leden met SOM in de cc per e-mail bericht dat, ondanks dat er op dat moment geen geldende samenwerkingsovereenkomst was tussen partijen, de korting op de licentiekosten voor onbepaalde tijd behouden blijft zolang de praktijk lid blijft van Fys'Optima. Er is niet gebleken dat SOM tegen deze berichtgeving heeft opgetreden, dan wel later een voorbehoud heeft gemaakt richting Fys’Optima-leden, terwijl dit wel in de rede zou hebben gelegen als dit niet juist was. Ook het gespreksverslag van 10 mei 2023 bevestigt deze lezing, met name de passages:

De nieuwe afspraken hebben geen invloed op de afspraken uit het verleden met
bestaande klanten.” en “De korting zoals destijds met FO is afgesproken is ontstaan vanuit een oude situatie waarin we een positie in de markt wilden verwerven.
In het gespreksverslag is ook vermeld dat deze manier van kortingen verlenen
niet meermogelijk is en
naar de toekomstniet toe houdbaar is. Dit bevestigt dat SOM in 2023 een verandering wilde bewerkstelligen ten opzichte van de vanaf 2014 geldende praktijk. Er is niet gebleken dat SOM eerder dan het gespreksverslag van 10 mei 2023 ondubbelzinnig (schriftelijk) richting Fys’Optima heeft aangegeven dat de in het verleden aangeboden kortingen voor onbepaalde tijd naar de toekomst toe onhoudbaar zijn. Voor die conclusie mist in het gespreksverslag bijvoorbeeld een verwijzing naar de eerdere gesprekken die hierover zouden zijn gevoerd in 2019 en 2021. Aangezien partijen na 2021 geen nieuwe samenwerkingsovereenkomst hebben gesloten is deze door SOM gewenste verandering echter nooit vastgelegd door partijen.
4.5.3.
Daarnaast is voor de uitleg van doorslaggevend belang dat [betrokkene] in haar e-mail van 16 juli 2021, verstuurd kort voor de totstandkoming van de meest recente samenwerkingsovereenkomst, zonder voorbehoud toezegt dat bestaande klanten hun kortingspercentages behouden als de samenwerkingsovereenkomst om wat voor redenen wordt verbroken (zie 2.5). Anders dan bij de andere genoemde punten, staat bij dat specifieke bulletpoint geen verwijzing naar een artikel in de overeenkomst waarin dat punt verwerkt is. Een vergelijking tussen artikel 3 uit Pro de samenwerkingsovereenkomst versie 2021 en artikel 3 uit Pro de versie 2019 (ingaande 2020) wijst uit dat in beide versies de artikelen 3.1, 3.1.1, 3.1.2 en 3.2 exact hetzelfde zijn gebleven. Het besproken punt heeft dus geen wijziging in de samenwerkingsovereenkomst versie 2021 ten opzichte van die uit 2019 teweeggebracht. Het feit dat de samenwerkingsovereenkomst ten opzichte van de vorige versie ongewijzigd is gebleven duidt erop dat partijen ten opzichte van eerdere versies geen (noemenswaardige) veranderingen zijn overeengekomen met betrekking tot de kortingsafspraken.
4.5.4.
Een en ander botst met de schriftelijke verklaring van [betrokkene] waarin zij onder andere vermeldt dat Fys'Optima al langer de wens had om een onbepaald voortdurende korting voor haar leden te bewerkstelligen, maar dat het zowel in 2019 als in 2021 niet als zodanig in de samenwerkingsovereenkomsten verwerkt is. Ook heeft SOM aangevoerd dat zij in de onderhandelingen over de overeenkomst van 23 juli 2021 in besprekingen meermaals heeft aangegeven dat zij niet langer mee kon gaan met de wens van Fys'Optima de korting voor onbepaalde tijd te verstrekken. Dat is echter niet onderbouwd en strookt ook niet met het feit dat partijen al vanaf 2014 afspraken hadden gemaakt dat de kortingen voor onbepaalde tijd zouden gelden gedurende het Fys’Optima-lidmaatschap. Er is daarbij niet gesteld en ook niet gebleken dat partijen in de periode tussen 2014 en 2020 fundamentele wijzigingen in de kortingsafspraken hebben gemaakt. Het tegendeel blijkt nogmaals uit het servicebericht van 23 september 2019.
4.5.5.
[betrokkene] verklaart daarnaast dat artikel 3.1.1 volgens haar uitsluitend zo moet worden gelezen, omdat partijen dat zo hebben bedoeld, dat als Fys’Optima-leden hun lidmaatschap opzeggen zij ook geen recht meer hebben op korting. De rechtbank volgt die lezing niet. In de samenwerkingsovereenkomst versie 2020 was in artikel 3.1.3 expliciet opgenomen dat de korting volledig komt te vervallen als het Fys’Optima-lid haar lidmaatschap beëindigt. Dit artikel bestond naast 3.1.1. In de versie 2021 is die bepaling geschrapt. Waarom artikel 3.1.1 dan de strekking van artikel 3.1.3 zou hebben overgenomen, terwijl deze ten opzichte van de versie 2020 ongewijzigd is gebleven is door SOM onvoldoende gemotiveerd gesteld. Verder heeft [betrokkene] verklaard dat het in de onderhandeling richting de samenwerkingsovereenkomst versie 2021 zou gaan om een ‘levenslange korting’ in het geval van een ‘onterechte’ of ‘onrechtmatige’ beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst. In haar e-mail van 16 juli 2021 staat ook de term ‘verbroken’. In de correspondentie voorafgaand aan deze procedure heeft SOM dat geïnterpreteerd als ‘ontbinding’. Ook die lezing volgt de rechtbank niet. In de e-mail van 16 juli 2021 staat dat de kortingspercentages worden behouden als de samenwerkingsovereenkomst ‘om wat voor redenen toch wordt verbroken’. Die brede definitie duidt niet op een vereiste van ontbinding en dat blijkt ook geenszins uit de hiervoor besproken stukken.
4.5.6.
Tot slot heeft SOM als gezichtspunt opgeworpen dat de door Fys’Optima verdedigde uitleg neerkomt op een eeuwigdurende verplichting, wat voor een commerciële onderneming ongebruikelijk is, dat dit ook ongebruikelijk is in de branche, niet in overeenstemming is met het doel en de aard van de overeenkomst en zou leiden tot een slechter resultaat voor SOM dan partijen hadden beoogd. Ook dit gezichtspunt leidt niet tot een ander oordeel. Er is namelijk geen sprake van een eeuwigdurende verplichting, omdat de kortingen voor de desbetreffende Fys’Optima-leden afhankelijk zijn van het voortduren van hun Fys’Optima-lidmaatschap. Daar staat ook tegenover dat die leden zich voor diezelfde onbepaalde tijd committeren tot afname van het product dat SOM aanbiedt, hetgeen een zekere stroom van inkomsten voor SOM garandeert. Overigens staat het Fys’Optima-leden vrij om software bij een andere aanbieder dan SOM af te nemen, waarna de korting uiteraard ook komt te vervallen. De rechtbank acht dit dan ook niet een zeer ongebruikelijke handelwijze, mede bezien tegen de achtergrond dat SOM via Fys’Optima een marktpositie heeft willen verkrijgen en ook heeft verkregen. Dat Fys’Optima na de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst geen actieve tegenprestatie meer aan SOM levert in de vorm van het aanbrengen van nieuwe klanten, doet er niet aan af dat de reeds geleverde tegenprestatie voortdurend is zolang de bestaande leden klant blijven van SOM. Er is dan ook onvoldoende gemotiveerd gesteld dat het voort laten duren van de kortingen in strijd is met het doel, de aard en het beoogde resultaat van de samenwerkingsovereenkomst.
4.5.7.
Onder onderhavige lezing van artikel 3 van Pro de samenwerkingsovereenkomst kan artikel 3.2 zo worden uitgelegd dat SOM tijdens de looptijd van de samenwerkingsovereenkomst de in de overeenkomst opgenomen kortings
percentagesheeft moeten garanderen. Met dit artikel is uitgesloten dat SOM de kortingspercentages wat de hoogte betreft heeft kunnen aanpassen, op welke manier dan ook. Het is de vraag of SOM daarom
na beëindigingvan de samenwerkingsovereenkomst, zoals per 1 januari 2026 het geval is, wel gerechtigd is om de kortingspercentages voor Fys’Optima-leden te wijzigen. Deze uitleg is echter in strijd met de geest van artikel 3.1.1, waarin op zichzelf ook al een garantie op de kortingspercentages is te lezen. In de e-mail van [betrokkene] van 16 juli 2021 staat ook uitdrukkelijk dat het kortings
percentagewordt behouden. De rechtbank oordeelt daarom dat artikel 3 voor Pro bestaande leden in zijn geheel gelding blijft houden na het einde van de samenwerkingsovereenkomst.
4.6.
Deze omstandigheden in onderlinge samenhang bezien leiden tot de conclusie dat het door Fys’Optima onder ii) gevorderde kan worden toegewezen, zoals in de beslissing vermeld.
De overeenkomst is in ieder geval beëindigd per 1 januari 2026
4.7.
Het tweede geschilpunt tussen partijen ziet op de vraag of de samenwerkingsovereenkomst rechtsgeldig door SOM is opgezegd en zo ja, tegen welke datum. De rechtbank stelt vast dat partijen het in ieder geval erover eens zijn dat de samenwerkingsovereenkomst per 1 januari 2026 is geëindigd. Daarnaast staat vast dat SOM altijd de kortingen ondanks deze procedure aan Fys’Optima-leden is blijven verlenen. De vraag of er al eerder is opgezegd dan 1 januari 2026 is daarom juridisch niet van belang. De overige vorderingen van Fys’Optima zullen daarom, bij gebrek aan belang, worden afgewezen.
Geen sprake van een tekortkoming of schade
4.8.
Tot slot heeft Fys’Optima gevorderd SOM te veroordelen tot nakoming van de kortingsafspraken en voor recht te verklaren dat SOM tekort is geschoten in de nakoming daarvan, waarbij de schade die Fys’Optima daardoor lijdt dient te worden opgemaakt bij staat. Deze vorderingen zullen worden afgewezen. Het staat namelijk vast dat SOM in afwachting van dit vonnis de korting aan Fys’Optima-leden is blijven verlenen. Er is daarom geen sprake van enige tekortkoming van SOM en aansprakelijkheidsstellingen van Fys’Optima-leden aan het adres van Fys’Optima zijn dan ook niet te verwachten.
SOM moet de proceskosten betalen
4.9.
SOM is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Fys'Optima worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
122,75
- griffierecht
714,00
- salaris advocaat
1.228,00
(2 punten × € 614,00)
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
2.242,75
4.10.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De rechtbank
5.1.
verklaart voor recht dat SpotOnMedics gehouden is tot het blijven verlenen van de in de samenwerkingsovereenkomst opgenomen kortingen / kortingspercentages voor bestaande leden van Fys’Optima en Fys’Active, ook na de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst, waarbij onder de bestaande leden de leden op peildatum 1 januari 2026 wordt verstaan,
5.2.
veroordeelt SpotOnMedics in de proceskosten van € 2.242,75, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als SpotOnMedics niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
veroordeelt SpotOnMedics tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.4.
verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.2 en 5.3 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,
5.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Wolfs en in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2026.
1949