Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:2558

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
29 januari 2026
Publicatiedatum
12 maart 2026
Zaaknummer
AWB - 24 _ 6377
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hersteluitspraak rechtbank Noord-Holland inzake parkeerbelasting en proceskostenvergoeding

Op 29 januari 2026 vond de mondelinge behandeling plaats van een bestuursrechtelijke zaak tussen eiser en de heffingsambtenaar van de gemeente Hoorn over een naheffingsaanslag parkeerbelasting.

Eiser had voorafgaand aan de zitting een formulier ingediend waarin hij proceskostenvergoeding van €127,28 voor verletkosten claimde. De rechtbank sprak direct mondeling uitspraak uit, maar vergat in het proces-verbaal te vermelden dat eiser recht had op deze vergoeding.

De hersteluitspraak corrigeert dit en verklaart het beroep van eiser gegrond. De rechtbank vernietigt de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.

De uitspraak is onherroepelijk en een afschrift is digitaal en per post aan partijen verstrekt.

Uitkomst: De rechtbank vernietigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.

Uitspraak

Rechtbank noord-holland
Zittingsplaats Alkmaar
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 24/6377
uitspraak gedaan ter verbetering van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 januari 2026 in de zaak tussen

[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Hoorn, verweerder.

Overwegingen

1. De mondelinge behandeling van de hierboven genoemde zaak vond plaats op 29 januari 2026 te Alkmaar. Voorafgaand aan de zitting heeft eiser een formulier proceskosten ingediend en daarop vermeld een bedrag van € 127,28 aan verletkosten in verband met het bijwonen van de zitting. De rechtbank heeft ter zitting het onderzoek gesloten en onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. Later bleek dat in het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak abusievelijk niet was vermeld dat eiser in aanmerking komt voor een proceskostenvergoeding. De mondelinge uitspraak dient daarom op de hierna volgende wijze worden hersteld.
2. De beslissing komt als volgt te luiden:
De rechtbank:
₋ verklaart het beroep gegrond;
₋ vernietigt de uitspraak op bezwaar;
₋ vernietigt de naheffingsaanslag en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
₋ veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 127,28;
₋ draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 51 aan eiser te vergoeden.
3. Rechtsoverweging 2 van de uitspraak komt als volgt te luiden:
2. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser en stelt deze kosten vast op € 127,28 voor verletkosten in verband met het bijwonen van de zitting. Tevens dient verweerder aan eiser het griffierecht van € 51 te vergoeden.
Deze hersteluitspraak is gedaan door mr. A.A. Fase, rechter, in aanwezigheid van
H. van Lingen, griffier.
griffier rechter
Een afschrift van deze hersteluitspraak is in Mijn Rechtspraak geplaatst. Indien u niet digitaal procedeert, is een afschrift per post verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze hersteluitspraak staat geen rechtsmiddel open.