ECLI:NL:RBNHO:2026:3372
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens hennepplantage en afwijzing beroep tegen bestuursdwang
Op 16 december 2024 trof de politie in de woning van eiser een omvangrijke hennepplantage aan met honderden planten, stekken en henneptoppen, alsmede 2,8 kg hasj en professionele kweekapparatuur. Naar aanleiding hiervan besloot de burgemeester op 23 januari 2025 de woning voor zes maanden te sluiten.
Eiser verzocht om een voorlopige voorziening, welke op 25 februari 2025 werd afgewezen, waarna de woning daadwerkelijk werd gesloten. Het bezwaar van eiser tegen de sluiting werd op 7 juli 2025 door de burgemeester ongegrond verklaard, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de burgemeester bevoegd was en onder de gegeven omstandigheden terecht gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid tot sluiting. De sluiting is geschikt en noodzakelijk om herhaling te voorkomen, een signaal af te geven en het pand uit het criminele circuit te halen. De ernst, omvang en professionaliteit van de hennepkwekerij en de kwetsbaarheid van de buurt rechtvaardigen de maatregel.
Hoewel eiser persoonlijke gevolgen ondervindt, waaronder het verlies van zijn woning en stress, zijn deze inherent aan de maatregel en wegen de algemene belangen zwaarder. De rechtbank wijst ook het beroep af dat de burgemeester een dwangsom had moeten verbeuren wegens niet tijdig beslissen, omdat de beslissing binnen de wettelijke termijn is genomen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de sluiting van de woning voor zes maanden in stand blijft en eiser geen recht heeft op terugbetaling van griffierecht of proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de sluiting van de woning voor zes maanden wegens de hennepplantage.