Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:4156

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
16 april 2026
Zaaknummer
K/4102/11923044
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:228 lid 1 sub b BWArt. 6:76 BWArt. 6:230 lid 2 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging koopovereenkomst wegens dwaling over waterdruk en regendouchefunctie

Eiseres sloot een koopovereenkomst voor een nieuwbouwwoning met een optionele regendouche en volgde het advies om de warmwatercapaciteit uit te breiden met een 300 liter boiler. Na oplevering bleek de waterdruk onvoldoende om het veronderstelde debiet van de regendouche te halen, waardoor deze niet goed functioneerde.

De kantonrechter oordeelde dat de overeenkomst tot uitbreiding van de warmwatercapaciteit tot stand is gekomen onder invloed van dwaling. Eiseres ging ervan uit dat de waterdruk voldoende was, mede omdat een door de ingeschakelde partij opgevraagd advies hierover niet werd teruggekoppeld. Gedaagde had de plicht om hierover te informeren, wat niet is gebeurd.

De rechter stelde vast dat de waterdruk weliswaar aan wettelijke normen voldeed, maar onvoldoende was voor het functioneren van de regendouche. Hierdoor was de uitbreiding van de boiler voor eiseres waardeloos. De overeenkomst is vernietigbaar en eiseres heeft recht op terugbetaling van de kosten van de warmwateruitbreiding.

Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van €5.350,- en de proceskosten. De uitspraak benadrukt de mededelingsplicht van de verkoper bij essentiële informatie over productfunctionaliteit en de gevolgen van dwaling bij contractsluiting.

Uitkomst: De overeenkomst tot uitbreiding van de warmwatercapaciteit wordt vernietigd wegens dwaling en gedaagde moet €5.350,- terugbetalen aan eiseres.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 11923044 \ CV EXPL 25-6976
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
[eiser],
wonende te [plaats 1],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
procederend in persoon,
tegen
de besloten vennootschap
[gedaagde] B.V.,
gevestigd te [plaats 2],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
verschenen bij haar directeur, dhr. W.J. de Wolff.
De zaak in het kort
De eisende partij heeft bij de bouw van haar nieuwbouwwoning gekozen voor een optionele regendouche. Na oplevering van de woning is gebleken dat de waterdruk onvoldoende is om het veronderstelde debiet van de regendouche te halen. De kantonrechter oordeelt dat ten aanzien van de overeenkomst tot het vergroten van de warmwatercapaciteit sprake is van dwaling.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 3 oktober 2025 met producties;
- het mondelinge antwoord van 15 oktober 2025 met producties;
- het bericht van [gedaagde] van 27 februari 2026 met aanvullende producties;
- het bericht van [eiser] van 2 maart 2026 met aanvullende producties;
- het bericht van [gedaagde] van 14 maart 2026 met aanvullende producties;
- de mondelinge behandeling van 19 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de pleitaantekeningen van [eiser].
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. Feiten
2.1.
[eiser] heeft met [gedaagde] een koopaannemingsovereenkomst gesloten voor een nieuwbouwwoning gelegen aan de [adres] te [plaats 1] (hierna: de woning).
2.2.
De woning is op 13 december 2023 door [gedaagde] aan haar opgeleverd.
2.3.
[eiser] had op grond van haar overeenkomst met [gedaagde] tijdens het bouwproces de keuze uit verschillende douche-inrichtingen. [gedaagde] heeft voor het kunnen maken van een keuze [bedrijf 1] (hierna: [bedrijf 1]) ingeschakeld. [eiser] heeft gekozen voor een regendouche.
2.4.
Op de offerte van [bedrijf 1] voor de badkamer staat (voor zover relevant):
“LET OP info opgevraagd betreffende waterdruk voor de vergrote douchekop. Gegevens naar [gedaagde] verzonden, wij zijn in afwachting van het antwoord hierop”
2.5.
Op 18 maart 2022 heeft [betrokkene], kopersbegeleider, [eiser] geadviseerd om de warmwatercapaciteit uit te breiden naar 300 liter:

Vergroten tapwaterbuffervat naar 300liter.
In basis is uw woning voorzien van een NIBE 1255 warmtepomp met geïntegreerde boiler van circa 180liter. Aangezien u heeft gekozen voor een optionele regendouche via de showroom wordt er geadviseerd om de warmwater capaciteit uit te breiden. Wij kunnen u aanbieden de standaard warmtepomp te wijzigen in een warmtepomp (NIBE 1155) met een losstaand boilervat van circa 300liter. Hiermee wordt de capaciteit van het warmtapwater voor de badkamer en/of keuken vergroot.
Ter indicatie: uw combiwarmtepomp bevat een geïntegreerd voorraadvat van 180 liter waarin tapwater wordt bereid. Indien het vat volledig is gevuld en opgewarmd tot 58°C, heeft u circa 260liter douchewater van 38°C beschikbaar. Uitgaande van koud water van 10°C wordt dit berekend als volgt: 180L x 85% effectieve voorraad x (58-10) / (38 – 10) = 260L.
Als u een standaard douchekop gebruikt van 8L/minuut betekent dit dat u circa 33 minuten kunt douchen. Als u een energiezuinige douchekop gebruikt van 6L/minuut betekent dit dat u circa 43 minuten kunt douchen. Bij een grotere douchekop (regendouche) worden de douchetijden automatisch korter. U kunt in dezelfde periode een bad vullen, echter dient u er dan rekening mee te houden dat de beschikbare hoeveelheid douchewater dan lager wordt. Een gemiddeld bad verbruikt circa 110L douchewater van 38°C per keer. Wanneer het voorraadvat volledig leeg is, is dit binnen 2,5 uur weer volledig op temperatuur.
Door middel van het vergroten van het tapwaterbuffervat heeft u meer warmwater voorraad waardoor u langer warmwater kunt gebruiken.Het wijzigen van de warmtepomp met geïntegreerde boiler naar de warmtepomp met losstaande 300liter boiler kost €3850,- inclusief btw.Tevens dient de lus in de bodem dieper gemaakt te worden wanneer de boiler wordt vergroot. Kosten hiervoor bedragen €1500,- inclusief btw.De totale uitbreiding komt hiermee op€ 5.350,- incl btw.(…)’.
2.6.
[eiser] heeft het advies voor een warmtepomp met losstaande boiler van 300 liter opgevolgd.
2.7.
Na oplevering van de woning heeft [eiser] geklaagd over de waterdruk in de douche.
2.8.
Op 7 november 2024 heeft PWN (naar aanleiding van een onderzoek op 6 november 2024) geconcludeerd dat de waterdruk in de woning voldoet aan de eisen van Woningborg.
2.9.
Op 7 maart 2025 heeft [bedrijf 2] B.V. onderzoek gedaan naar de waterdruk in de woning. Daarbij heeft de loodgieter vastgesteld dat de regendouche bij de gemeten druk een waterdebiet van 8 liter per minuut bij koud water en 6 liter per minuut bij warm water (55°C) heeft.
2.10.
Bij kortgedingdagvaarding van 2 mei 2025 heeft [eiser] een oplossing voor de waterdruk in de regendouche dan wel terugbetaling van de aanschafprijs van de losstaande boiler gevorderd. De kantonrechter heeft de vorderingen van [eiser] bij vonnis van 3 juli 2025 afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.

3.Het geschil

3.1.
[eiser] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 5.350,00, te vermeerderen met de proceskosten.
3.2.
[eiser] legt aan haar vordering ten grondslag dat de door [gedaagde] geadviseerde uitbreiding van de warmwatercapaciteit geen toegevoegde waarde heeft bij de in de woning aanwezige waterdruk. Als zij had geweten dat de waterdruk in de woning onvoldoende was om met de regendouche een debiet van minimaal acht liter per minuut te realiseren, had zij de grotere boiler nooit aangeschaft.
3.3.
[gedaagde] betwist de vordering. Hij voert aan dat de ervaring leert dat een standaard boiler van 180 liter vaak als onvoldoende ervaren wordt door klanten. Dat is de reden dat, wanneer er door de klant een bad of regendouche gekozen wordt, standaard een extra externe boiler aangeboden wordt. [eiser] heeft zelf akkoord gegeven op dit aanbod. De waterdruk heeft hier niets mee te maken en voldoet bovendien aan de Woningborg-normen.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter begrijpt dat [eiser] betoogt dat zij de extra uitgaven voor uitbreiding van de warmwatercapaciteit niet zou hebben gedaan als zij had geweten dat de waterdruk in haar woning te laag is om de regendouche als regendouche goed te laten functioneren. Door de relatief lage druk komt er slechts een zwakke straal uit de regendouche. Omdat de uitbreiding van de warmwatercapaciteit haar is geadviseerd nadat [bedrijf 1] te kennen had gegeven dat zij over de waterdruk informatie bij [gedaagde] had opgevraagd, is zij ervan uitgegaan dat op dat moment al met [gedaagde] was afgestemd dat die voldoende zou zijn.
4.2.
Een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, is vernietigbaar indien de wederpartij in verband met hetgeen zij over de dwaling wist of behoorde te weten, de dwalende had moeten inlichten. [1] De kantonrechter is van oordeel dat dit beroep slaagt. Daartoe wordt als volgt overwogen.
4.3.
De woning is gebouwd conform de Woningborg-normen 2020 en standaard voorzien van een combiwarmtepomp met een geïntegreerde boiler van 180 liter. Omdat [eiser] heeft gekozen voor een regendouche, heeft de kopersbegeleider van [gedaagde] haar geadviseerd om de warmwatercapaciteit uit te breiden door middel van een losstaand boilervat van 300 liter (zie 2.5). In het schriftelijke advies staat beschreven dat bij gebruik van een standaard douchekop (8 liter/minuut) met een boiler van 180 liter circa 33 minuten kan worden gedoucht. Een regendouche verbruikt meer liter water per minuut dan een standaard douchekop, zodat de beschikbare douchetijd bij het gebruik van een regendouche ook korter zal zijn.
4.4.
Op basis van die toelichting, en dus in de veronderstelling dat zij met een standaard boiler van 180 liter minder dan 33 minuten onder haar regendouche zou kunnen douchen, heeft [eiser] akkoord gegeven op het voorstel om de warmwatercapaciteit te vergroten. Na oplevering van de woning heeft [eiser] echter geconstateerd dat het veronderstelde debiet van de regendouche (méér dan 8 liter/minuut) door de in de woning aanwezige waterdruk niet wordt gehaald. In tegendeel, de loodgieter heeft vastgesteld dat het debiet van de regendouche bij de gemeten druk slechts circa zes liter warm water per minuut bedraagt. Als door [gedaagde] niet weersproken heeft dit tot gevolg dat de regendouche niet goed als regendouche functioneert omdat er slechts een zwakke straal uit komt. Dat betekent verder dat [eiser] met een standaard boiler van 180 liter circa 43 minuten onder haar regendouche zou kunnen douchen. Dat is aanzienlijk langer dan het beeld dat op basis van het gegeven advies werd geschetst en waarvan [eiser] bij het aanschaffen van de grotere boiler is uitgegaan. Het feit dat de waterdruk zoals [gedaagde] stelt aan de wettelijke vereisten voldoet laat onverlet dat het in het advies veronderstelde waterdebiet van de regendouche als gevolg van de in de woning beschikbare waterdruk niet wordt gehaald, met als gevolg dat de regendouche niet goed functioneert. De kantonrechter is ervan overtuigd dat [eiser] niet zou hebben gekozen voor uitbreiding van de warmwatercapaciteit indien zij had geweten dat de waterdruk te laag was voor een goed functionerende regendouche.
4.5.
Vervolgens ligt de vraag voor of [gedaagde] [eiser] had moeten informeren over de in de woning aanwezige waterdruk in relatie tot het functioneren van de gewenste regendouche. De kantonrechter is van oordeel dat deze vraag bevestigend moet worden beantwoord. De stelling van [gedaagde] dat zij niet wist en ook niet kon weten wat de waterdruk in de woning was, slaagt niet. Daarbij neemt de kantonrechter in aanmerking dat [bedrijf 1] een door [gedaagde] ingeschakelde hulppersoon is voor wiens gedragingen [gedaagde] op gelijke wijze als voor eigen gedragingen aansprakelijk is. [2] In dit geval betekent dit dat [eiser] ervan uit mocht gaan dat [gedaagde] haar advisering zou afstemmen met [bedrijf 1]. Uit de offerte van [bedrijf 1] volgt dat zij naar aanleiding van de keuze van [eiser] voor een regendouche informatie over de waterdruk bij [gedaagde] heeft opgevraagd. Kennelijk realiseerde [bedrijf 1] zich terecht het belang daarvan voor het goed functioneren van een regendouche. De stelling van [gedaagde] dat [bedrijf 1] daarmee waarschijnlijk het nominale debiet (onder standaardcondities) van de regendouchekop bedoelde, is ongeloofwaardig. Er is immers geen enkele aanleiding te veronderstellen dat een specialist in sanitair als [bedrijf 1] zou noteren informatie over de waterdruk in te hebben gewonnen als zij het nominale debiet bedoelde. [gedaagde] heeft desgevraagd ter zitting laten weten dat zij niet weet wat er met het verzoek om informatie van [bedrijf 1] is gebeurd. Het staat in ieder geval vast dat [eiser] daarover geen terugkoppeling heeft ontvangen. Wat wél volgde, was het advies van de kopersbegeleider om de warmwatercapaciteit uit te breiden. De kantonrechter is van oordeel dat [gedaagde] zich er bij haar advisering op basis van de voorafgaande gang van zaken van bewust moest zijn dat uitbreiding van de warmwatercapaciteit uitsluitend gewenst was met het oog op de installatie van een regendouche die gedurende meer dan 33 minuten als regendouche goed zou functioneren. [gedaagde] had daarom behoren uit te zoeken wat de daadwerkelijke waterdruk in de woning is en wat de gevolgen daarvan zijn voor het functioneren van de regendouche en [eiser] daarover tijdig moeten informeren, maar heeft dat niet gedaan. De conclusie is dan ook dat [gedaagde] haar mededelingsplicht heeft geschonden.
4.6.
Het betoog van [gedaagde] dat [eiser] een grote woning heeft gekocht en dat een externe boiler van 300 liter daarom niet ongebruikelijk is, maakt dat niet anders. In de situatie van [eiser] is duidelijk dat de uitbreiding van de warmwatercapaciteit specifiek is aangeraden vanwege haar keuze voor een regendouche. Het is niet gebleken dat de oppervlakte van de woning, het aantal slaapkamers en/of het aantal (potentiële) bewoners daarbij (ook) een rol hebben gespeeld, zodat deze factoren buiten beschouwing worden gelaten. Ook de omstandigheid dat de grotere boiler inmiddels onder de Woningborg-normen van 2024 als standaard geldt, is bij de beoordeling van dit geschil niet relevant.
4.7.
De conclusie is dat de overeenkomst voor wat betreft het vergroten van de warmwatercapaciteit tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten. Omdat [gedaagde] haar mededelingsplicht heeft geschonden is de overeenkomst vernietigbaar. De kantonrechter begrijpt echter dat [eiser] wenst dat hij de gevolgen van de overeenkomst wijzigt ter opheffing van haar nadeel [3] . Dit heeft tot gevolg dat [eiser] de extra kosten voor de uitbreiding van de warmwatercapaciteit niet verschuldigd is en dus recht heeft op restitutie van het door haar betaalde bedrag.
4.8.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
148,04
- griffierecht
257,00
- verletkosten
50,00
Totaal
455,04

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 5.350,00,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 455,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.
De griffier De kantonrechter

Voetnoten

1.Artikel 6:228 lid 1 sub b van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW).
2.Artikel 6:76 BW Pro.
3.Artikel 6:230 lid 2 BW Pro.