ECLI:NL:RBNHO:2026:4226
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen overplaatsing naar andere opvanglocatie niet-ontvankelijk
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Haarlem om haar over te plaatsen van gespecialiseerde opvang naar een reguliere opvangvoorziening op een riviercruiseschip. Het college had het besluit genomen op 3 maart 2026, met een geplande overplaatsing per 24 maart 2026, later uitgesteld tot 1 april 2026.
De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat er geen bezwaarschrift tegen het besluit bij het college bekend is, ondanks dat verzoekster daartoe in de gelegenheid is gesteld. Zonder een lopende bezwaarprocedure kan een verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk worden verklaard. Verzoekster heeft binnen de gestelde termijn geen bezwaarschrift ingediend.
Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en is het verzoek niet inhoudelijk beoordeeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 10 april 2026 door de voorzieningenrechter A.R. ten Berge.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een lopend bezwaar tegen het besluit.