Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:4319

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
23 april 2026
Publicatiedatum
21 april 2026
Zaaknummer
HAA 26/238 en HAA 26/6073
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4.5 OmgevingswetArt. 22.45 Omgevingsplan gemeente Dijk en WaardArt. 5.66 Besluit kwaliteit leefomgevingArt. 22.66 Omgevingsplan gemeente Dijk en WaardArt. 2.1 Wabo
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen maatwerkvoorschriften en omgevingsvergunning padelbanen

De voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland behandelde op 23 april 2026 de verzoeken om voorlopige voorziening van omwonenden tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dijk en Waard. Het college had maatwerkvoorschriften gesteld voor het geluid van acht bestaande tennisbanen en drie beoogde padelbanen, en een omgevingsvergunning verleend voor de bouw en het gebruik van de padelbanen.

Verzoekers voerden aan dat de maatwerkvoorschriften onredelijk waren en dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar alternatieve geluidsreducerende maatregelen. Ook werd betoogd dat de omgevingsvergunning niet aan de vereisten van een goede ruimtelijke ordening voldeed. De voorzieningenrechter oordeelde dat het college binnen zijn beleidsruimte had gehandeld en dat de maatwerkvoorschriften en vergunning redelijk waren onderbouwd met akoestisch onderzoek.

De voorzieningenrechter wees de verzoeken om voorlopige voorziening af, omdat onvoldoende grond bestond om de besluiten te schorsen. Het oordeel is voorlopig en bindt niet in een bodemprocedure. Verzoekers kregen geen griffierecht terug en geen proceskostenvergoeding.

Uitkomst: De rechtbank wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af en bevestigt het college in het stellen van maatwerkvoorschriften en het verlenen van de omgevingsvergunning voor de padelbanen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummers: HAA 26 /238 en HAA 26 /6073

uitspraak van de voorzieningenrechter van 23 april 2026 in de zaken tussen

[verzoeker 1] en [verzoekster 1] ,

[verzoeker 2] ,
[verzoeker 3] ,
[verzoeker 4] en [verzoekster 2] ,
[verzoekster 3] ,
[verzoeker 5] en [verzoekster 4] ,
[verzoeker 6] en [verzoekster 5] ,
[verzoeker 7] en [verzoekster 6] ,
[verzoeker 8] en [verzoekster 7] ,
[verzoeker 9] en [verzoekster 8] ,
[verzoeker 10] en [verzoekster 9],
allen uit [plaats] , verzoekers
(gemachtigde: mr. L.T. van Eyck van Heslinga),
en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dijk en Waard

(gemachtigden: mr. F. Bakker en mr. D.W.V. Zijlstra.
Als derde-partijen nemen aan de zaak deel: de stichting
Stichting [derde-partij 1]uit [plaats] (hierna: de stichting) en de vereniging
[derde-partij 2]uit [plaats] (hierna: de vereniging)
(gemachtigde: mr. J.C.W. van Eekeren).

Samenvatting

1.1.
Deze uitspraak op de verzoeken om een voorlopige voorziening gaat over het besluit van 11 november 2025 waarbij het college aan de vereniging maatwerkvoorschriften heeft gesteld die zien op het geluid als gevolg van het gebruik van de reeds bestaande acht tennisbanen op de locatie [adres] in [plaats] en op het geluid als gevolg van het gebruik van drie beoogde padelbanen op diezelfde locatie. De uitspraak gaat ook over het besluit van 10 november 2025 waarbij het college aan de stichting omgevingsvergunning heeft verleend voor de bouw en het gebruik van drie padelbanen op de locatie [adres] in [plaats] .
1.2.
De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak beide verzoeken om voorlopige voorziening af. Het college heeft in redelijkheid kunnen komen tot het stellen van maatwerkvoorschriften aan de vereniging en het verlenen van de gevraagde omgevingsvergunning aan de stichting. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
1.3.
Onder 2 staat het procesverloop in deze zaak. Onder 3 staat de totstandkoming van de bestreden besluiten. De beoordeling door de voorzieningenrechter volgt vanaf 4. Aan het eind staat de beslissing van de voorzieningenrechter en de gevolgen daarvan.

Procesverloop

2.1.
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit maatwerkvoorschriften en beroep ingesteld tegen de verleende omgevingsvergunning. Zij hebben de voorzieningenrechter gevraagd ten aanzien van beide besluiten een voorlopige voorziening te treffen.
2.2.
Door of namens het college is op de verzoeken gereageerd met verweerschriften.
2.3.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken op 13 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben namens verzoekers deelgenomen [verzoeker 1] , [verzoekster 1] , [verzoekster 8] en [verzoeker 8] , bijgestaan door hun gemachtigde. Het college is voor wat betreft het besluit maatwerkvoorschriften vertegenwoordigd door mr. F.J. Bakker, [naam 1] en [naam 2] , allen in dienst van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Het college is voor wat betreft de omgevingsvergunning vertegenwoordigd door
mr. D.W.V. Zijlstra, [naam 3] en [naam 4] , allen in dienst van de gemeente. Namens de stichting zijn verschenen [naam 5] en [naam 6] en namens de vereniging is verschenen [naam 7] . Derde-partijen zijn ter zitting bijgestaan door voornoemde gemachtigde.

Totstandkoming van de bestreden besluiten

Besluit maatwerkvoorschriften
3.1.
Derde-partijen hebben het college bij brief van 30 mei 2024 verzocht maatwerkvoorschriften vast te stellen die zien op een verruiming van de geluidsnormen in de avondperiode tussen 19.00 uur en 23 .00 uur voor een aantal woningen aan de [locatie] . Ook is onderzocht hoe drie padelbanen gerealiseerd kunnen worden binnen de geluidsruimte die in de bestaande situatie optreedt.
3.2.1.
Het college heeft het verzoek ingewilligd en bij besluit van 11 november 2025 maatwerkvoorschriften gesteld aan de vereniging voor het onderdeel geluid.
Bestaande situatie
3.2.2.
Bij dit besluit heeft het college op grond van artikel 4.5 Omgevingswet en artikel 22 .45 Omgevingsplan gemeente Dijk en Waard (hierna: Omgevingsplan) met toepassing van artikel 5.66 Besluit kwaliteit leefomgeving bij maatwerkvoorschrift de geluidsnorm zoals die geldt op grond van artikel 22 .63 [lees: 22 .66] Omgevingsplan voor de avondperiode in de bestaande situatie verhoogd van een langtijdgemiddeld geluidsniveau van 45 dB(A) op de gevel van de geluidgevoelige woningen aan de [locatie] [huisnummer 2] , [huisnummer 3] , [huisnummer 4] , [huisnummer 5] , [huisnummer 6] , [huisnummer 7] en [huisnummer 8] naar een langtijdgemiddeld geluidsniveau van 47 dB(A) op de gevel van geluidsgevoelige woningen aan de [locatie] [huisnummer 2] , [huisnummer 3] , [huisnummer 4] , [huisnummer 5] , [huisnummer 6] en [huisnummer 7] en naar een langtijdgemiddeld geluidsniveau van 46 dB(A) op de gevel van de geluidsgevoelige woning aan de [locatie] [huisnummer 8] . Het college heeft van zijn bevoegdheid om maatwerkvoorschriften te stellen gebruik gemaakt omdat uit de door derde-partijen overgelegde geluidsonderzoeken [1] is gebleken dat in de bestaande situatie het langtijdgemiddeld geluidsniveau van 45 dB(A) wordt overschreden. In het onderzoek is uitgegaan van een volledige baanbezetting gedurende de avondperiode en 80 procent effectief spelen. Omdat geluid reducerende maatregelen – beperking van gebruik, volgordelijk reserveren, geluidscherm, extra groenvoorziening – niet haalbaar of redelijk zijn gebleken, in de bestaande situatie wordt voldaan aan de grenswaarden voor toelaatbaar geluid in de hiervoor bedoelde woningen aan de [locatie] en over de optredende geluidsniveaus geen klachten bekend zijn, heeft het college de maatwerkvoorschriften gesteld.
De maatwerkvoorschriften 1.1 tot en met 1.3 zien op de bestaande situatie, en luiden als volgt:
1.1
In afwijking van 22 .63 [lees: 22 .66] van het Omgevingsplan gemeente Dijk en Waard geldt een langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LA,LT) in de avondperiode (19.00 – 23 .00), inclusief impulstoeslag (+5 dB(A) van maximaal 47 dB(A) op:
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 7] ;
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 6] ;
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 5] ;
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 4] ;
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 3] ;
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 2] .
1.2.
In afwijking van 22 .63 [lees: 22 .66] van het Omgevingsplan gemeente Dijk en Waard geldt een langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LA,LT) in de avondperiode (19.00 – 23 .00), inclusief impulstoeslag (+5 dB(A) van maximaal 46 dB(A) op:
 De gevel van de [locatie] [huisnummer 8] .
1.3.
Het gebruik van de tennisbanen is niet toegestaan in de nachtperiode (tussen 23 .00 en 07.00 uur de volgende dag).
Toelichting: Met uitzondering van incidentele festiviteiten (bijvoorbeeld toernooien) zoals bedoeld in de Verordening fysieke leefomgeving Dijk en Waard 2025 of een opvolgende vergelijkbare regeling in het Omgevingsplan.
Padelbanen
3.2.3.
In het akoestisch onderzoek V2.3 RO [2] is verkend op welke wijze op de locatie [adres] in [plaats] drie padelbanen kunnen worden gerealiseerd binnen de in de bestaande situatie optredende geluidsniveaus. Zonder aanvullende maatregelen zou de combinatie van acht tennisbanen en drie padelbanen leiden tot een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van 49 dB(A) op de gevel van meerdere woningen aan de [locatie] .
Aanvullende maatrelen zijn dus noodzakelijk. Uit het onderzoek is gebleken dat het spelen met stille rackets, het plaatsen van een overkapping en het installeren van verzwarende panelen in de padelkooien om verschillende reden niet in aanmerking komen, maar dat met het beperken van de gebruikstijden van de padelbanen in combinatie met de realisatie van een geluidsscherm aan de westzijde van de padelbanen en een grondwal aan de noordzijde van de padelbanen de bedrijfsvoering kan plaatsvinden binnen de geluidsruimte van de bestaande situatie. In akoestisch rapport V2.3 RO wordt dit scenario met deze specifieke combinatie van maatregelen en voorzieningen V4 genoemd. In situatie V4 kan aan de geluidswaarden uit de bestaande situatie worden voldaan. Dat betekent dat V4 nog steeds uitgaat van 2 dB(A) hoger dan de standaardnorm voor de [locatie] [huisnummer 2] , [huisnummer 3] , [huisnummer 4] , [huisnummer 5] , [huisnummer 6] en [huisnummer 7] en 1 dB(A) hoger op de gevel van [locatie] [huisnummer 8] . Bij de overige woningen die in de berekeningen zijn meegenomen, geldt dat zij in scenario V4 binnen de geldende geluidsnormen blijven. Het college heeft daarom besloten de maatwerkvoorschriften 1.4 tot en met 1.6 te stellen, waarin de uitwerking van scenario V4 en de daarbij behorende maatrelen en voorzieningen zijn vastgelegd.
De maatwerkvoorschriften 1.4 tot en met 1.6 luiden als volgt:
1.4
Het gebruik van padelbanen is niet toegestaan in de periode tussen 22 .00 en 07.00 uur van de volgende dag.
Met uitzondering van incidentele festiviteiten (bijvoorbeeld toernooien) zoals bedoeld in de Verordening fysieke leefomgeving Dijk en Waard 2025 of een opvolgende vergelijkbare regeling in het Omgevingsplan.
1.5.
Het gebruik van padelbanen is niet toegestaan zonder een grondwal aan de noordzijde van de locatie aan te leggen en in stand te houden. De grondwal met een lengte van 22 meter lang en 3 meter hoog dient te worden aangelegd en in stand gehouden zoals opgenomen in scenario V4 uit akoestisch rapport
V2.3 RO.
1.6.
Het gebruik van padelbanen is niet toegestaan zonder de aanwezigheid [van] een geluidsscherm aan de westzijde van de locatie. Het geluidsscherm aan de westzijde heeft een minimale soortelijke massa van 15 kg/m2, een lengte van 40 meter en een hoogte van 4 meter, in overeenstemming met hetgeen beschreven in scenario V4 uit akoestisch rapport
V2.3 RO.
Omgevingsvergunning
4.1.
De stichting heeft het college op 16 februari 2023 gevraagd om een omgevingsvergunning voor het aanleggen van drie padelbanen met wanden en verlichting en een geluidswand op de locatie [adres] in [plaats] .
4.2.
Bij besluit van 10 november 2025 heeft het college de gevraagde omgevingsvergunning onder voorwaarden verleend. De omgevingsvergunning is verleend voor de activiteiten bouwen (als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)) en met het bestemmingsplan strijdig gebruik (als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, Wabo. In de omgevingsvergunning is bepaald dat voor ingebruikname van de drie padelbanen aan de volgende aspecten dient te worden voldaan:
1. Het plaatsen van een geluidswand van 40 meter lang en 4 meter hoog direct ten westen van de beoogde padelbanen voorafgaand aan de ingebruikname van de banen.
2. het aanleggen van een grondwal aan de noordzijde van de padelbanen van 22 meter lang en 3 meter hoog.
3. Het gebruik van de padelbanen tot uiterlijk tot 22 .00 uur i.p.v. tot 23 .00 uur gedurende 7 dagen per week.
De omgevingsvergunning is verleend overeenkomstig de bij het besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte documenten en voorschriften.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

Belanghebbendheid verzoekers
5. De voorzieningenrechter stelt vast dat in ieder geval één van de verzoekers als belanghebbende bij beide bestreden besluiten kan worden aangemerkt. Omdat aldus wordt toegekomen aan een inhoudelijke behandeling van de verzoeken, laat de voorzieningenrechter de vraag of alle verzoekers als belanghebbende kunnen worden aangemerkt in deze procedure verder buiten bespreking.
Spoedeisend belang
6. Aan verzoekers kan een spoedeisend belang bij de gevraagde voorlopige voorziening niet worden ontzegd.
Besluit maatwerkvoorschriften
Toepasselijke wet- en regelgeving
7. Het verzoek tot het vaststelling van maatwerkvoorschriften dateert van na de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Die wet is op deze besluitvorming dan ook van toepassing.
Kon het college gebruikmaken van zijn bevoegdheid om maatwerkvoorschriften te stellen?
8. De voorzieningenrechter stelt vast, hetgeen tussen partijen niet in geschil is, dat het college bevoegd is om ter zake het onderwerp geluid maatwerkvoorschriften vast te stellen. Partijen worden verdeeld gehouden over de vraag of het college van zijn bevoegdheid gebruik heeft mogen maken. Bij die beslissing komt het college beleidsruimte toe. Het college dient daarbij een belangenafweging te maken.
De maatwerkvoorschriften 1.1 en 1.2
9.1.
Verzoekers betogen dat het niet nodig was om bij maatwerkvoorschriften (1.1 en 1.2) het langtijdgemiddeld geluidsniveau voor de avondperiode te verhogen omdat een overschrijding van 45 dB(A) op de gevels van de woningen in de [locatie] in de praktijk nauwelijks voorkomt. Een bestaande overschrijding geeft verder niet het recht om deze daarna als rechtens verkregen niveau te hanteren. Verzoekers voeren verder aan dat bij het besluit maatwerkvoorschriften geen goede belangenafweging is gemaakt. Het gering aantal overschrijdingen per jaar van de geldende grenswaarden rechtvaardigt de nu gegeven verruiming niet; er had kunnen worden volstaan met het geven van ontheffing. Die ontheffingen tellen niet mee in de representatieve bedrijfssituatie. Niet valt in te zien waarom het gebruik niet kon worden aangepast om aan de grenswaarden te voldoen. Zo is niet onderbouwd dat volgordelijk reserveren niet mogelijk zou zijn of waarom niet een geluidsscherm kan worden geëist dat de verruiming bij wijze van maatwerkvoorschriften niet nodig maakt. Verzoekers betogen verder dat het college verder ten onrechte zonder nader onderzoek uitgaat van een gevelisolatie tussen de 19 en 22 dB(A), terwijl voor woningen gebouwd in 1970 juist geldt dat de geluidsisolatie beperkter is.
9.2.
Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft het college gebruik mogen maken van zijn discretionaire bevoegdheid om de maatwerkvoorschriften 1.1 en 1.2 te stellen voor de bestaande situatie. De voorzieningenrechter ziet onvoldoende grond voor het oordeel dat het college zich niet heeft mogen baseren op de uitgangspunten over het baangebruik zoals die in het geluidsrapport VI.3 AB en het addendum daarop zijn neergelegd. Dat het gebruik van het tennispark meestal significant lager is dan de volledige benutting van de bedrijfssituatie waarvan is uitgegaan, doet daaraan niet af. Het college heeft naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende onderbouwd dat de bezettingsgraad meer dan twaalf keer per jaar 80% kan zijn als gevolg van competitieavonden en toernooiweken. Dit kan in zijn algemeenheid worden aangemerkt als de representatieve bedrijfssituatie [3] . De voorzieningenrechter ziet verder op voorhand geen grond verzoekers te volgen in het betoog dat zonder nader onderzoek naar de gevels van de woningen aan de [locatie] er niet van mocht worden uitgegaan dat daar met de maatwerkvoorschriften 1.1 en 1.2 kan worden voldaan aan de grenswaarde voor het binnenniveau in de avondperiode. Daarbij is van belang dat het in het geluidsrapport gekozen uitgangspunt zijn grondslag vindt in vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State [4] , te weten dat mag worden aangenomen dat de gevelwering van een normaal onderhouden woning te minste 20 dB(A) zal bedragen. Verzoekers hebben vooralsnog niet aannemelijk gemaakt dat van dit uitgangspunt in dit geval zou moeten worden afgeweken. Dat er – zoals verzoekers stellen – ook andere geluidsreducerende maatregelen (volgordelijk reserveren, het realiseren van een geluidscherm en/of extra groenvoorziening) mogelijk zouden zijn, betekent nog niet dat de thans gestelde maatwerkvoorschriften 1.1 en 1.2 onredelijk zijn. Gelet op het voorgaande en omdat de bij deze maatwerkvoorschriften vastgestelde geluidsniveaus in de bestaande situatie ook al optreden zonder dat daarover klachten bekend zijn, ziet de voorzieningenrechter op dit moment onvoldoende aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening ter zake deze maatwerkvoorschriften.
De maatwerkvoorschriften 1.4 tot en met 1.6
10.1.
Over de maatwerkvoorschriften 1.4 tot en met 1.6 voeren verzoekers aan dat bij het berekeningsresultaat met een meetnauwkeurigheid van ongeveer 2 dB(A) rekening had moeten worden gehouden en dat bij padel rekening had moeten worden gehouden met een impulstoeslag van 8,5 dB(A) in plaats van 5 dB(A). Een inhoudelijke beantwoording van deze – min of meer principiële – aspecten gaat het karakter van deze voorlopige voorzieningsprocedure evenwel te buiten. Daarvoor is de bodemprocedure meer geschikt.
10.2.
Hetgeen door verzoekers ten aanzien van deze maatwerkvoorschriften overigens is aangevoerd ziet niet zozeer op de ondeugdelijkheid van de voorgeschreven maatregelen, maar veeleer op in hun optiek betere maatregelen, zoals het gebruiken van een zo geluidarm mogelijk type/model padelbaan. Die alternatieven liggen hier evenwel niet voor. In dit betoog van verzoekers ziet de voorzieningenrechter daarom vooralsnog onvoldoendeen reden om tot schorsing van deze maatwerkvoorschriften over te gaan.
10.3
Voor zover verzoekers betogen dat de eisen die aan het geluidscherm zijn gesteld niet blijken uit de maatwerkvoorschriften, volgt de voorzieningenrechter hen daarin niet nu in het maatwerkvoorschrift 1.6 expliciet is aangegeven dat het geluidsscherm in overeenstemming moet zijn met het geluidscherm als beschreven in scenario V4 uit akoestisch rapport V2.3 RO.
Omgevingsvergunning
Overgangsrecht Omgevingswet
11.1.
Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet in werking getreden. Als een aanvraag om een omgevingsvergunning is ingediend vóór het tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet blijft op grond van artikel 4.3, aanhef en onder a, van de Invoeringswet Omgevingswet daarop de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) van toepassing.
11.2.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het besluit van 10 november 2025 is genomen op de aanvraag van derde-partijen van 16 februari 2023. De Wabo is dus van toepassing gebleven. Weliswaar is in het gemeenteblad de intrekking van de aanvraag om omgevingsvergunning voor drie padelbanen gepubliceerd, maar niet alleen heeft het college genoegzaam betoogd dat die publicatie op een vergissing berust, derde-partijen hebben ter zitting ook bevestigd de aanvraag nimmer te hebben ingetrokken. Dat de aanvraag in de loop van de tijd is aangepast, doet aan het voorgaande niet af.
Verklaring van geen bedenkingen
12. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter hebben verzoekers ten onrechte gesteld dat een verklaring van geen bedenkingen van de raad van de gemeente Dijk en Waard is vereist. Het college heeft afdoende gemotiveerd dat de rechtsvoorganger van de huidige raad op 22 november 2011 categorieën heeft aangewezen voor plannen die niet aan de raad te hoeven worden voorgelegd en dat het onderhavige plan als zodanig valt te kwalificeren.
Goede ruimtelijke ordening?
13. Onder verwijzing naar hetgeen hiervoor over het besluit maatwerkvoorschriften is overwogen, ziet de voorzieningenrechter geen reden om de omgevingsvergunning te schorsen wegens (evidente) strijd met een goede ruimtelijke ordening. Het betoog van verzoekers dat door het college voor het bepalen van de richtafstand tussen de woningen en de padelbanen ten onrechte uitgaat van gemengd gebied in plaats van een rustige woonwijk als bedoeld in de VNG-publicatie Bedrijven-en milieusanering uit 2009, maakt dit niet anders. In beide situaties wordt voldaan aan de richtafstand. De woningen van verzoekers liggen immers alle buiten de richtafstand van 50 meter.
Geluidsscherm op tekening
14. De voorzieningenrechter volgt verzoekers niet voor zover zij stellen dat op de tekening behorend bij de omgevingsvergunning aan de westzijde geen geluidscherm staat. De tekening met nummer 687422 behoort bij de omgevingsvergunning. Op deze tekening zijn de padelbanen ingetekend, evenals het geluidsscherm aan de westzijde van de padelbanen, met een lengte van 40 meter, een hoogte van 4 meter en een minimale soortelijke massa van 15 kg/m2. De voorzieningenrechter ziet in het betoog van verzoekers daarom geen reden voor schorsing van de verleende omgevingsvergunning.
Geen eisen aan geluidswal?
15. Het betoog van verzoekers dat aan de geluidswal geen eisen zijn gesteld, mist feitelijke grondslag nu uit de voorwaarden verbonden aan de omgevingsvergunning blijkt van welke afmeting deze moet zijn en in de omgevingsvergunning ook is aangegeven dat de omgevingsvergunning wordt verleend overeenkomstig de bij het besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte documenten en voorschriften. Uit de hiervoor aangehaalde tekening met nummer 687422 volgt waar de geluidswal moet worden gerealiseerd en hoe deze moet worden vormgegeven.

Conclusie en gevolgen

16. Gelet op het voorgaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat het college in redelijkheid maatwerkvoorschriften heeft kunnen stellen en de gevraagde omgevingsvergunning heeft kunnen verlenen. De verzoeken om voorlopige voorziening worden daarom afgewezen. De voorzieningenrechter wijst er wel op dat zijn oordeel een voorlopig oordeel is, en dat realisatie en ingebruikname van de padelbanen voordat de bodemprocedures zullen zijn afgerond, op eigen risico van derde partijen is.
17. Omdat de verzoeken worden afgewezen, krijgen verzoekers het griffierecht niet terug. Zij krijgen ook geen vergoeding van hun proceskosten.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. J.H.A.C. Everaerts, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P.C. van der Vlugt, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 23 april 2026.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Rapport ‘20230391.001 05-06-2025 [derde-partij 3] maatwerk huidig VI.3 AB’, van 5 juni 2025, opgesteld door Geluidburo BV (rapport VI.3 AB). Dit rapport gaat over de geluidniveaus vanwege de huidige bestaande situatie van het tennispark met 8 tennisbanen bij [derde-partij 3] .
2.Rapport ‘20230391.001 05-06-2025 [derde-partij 3] 3 padelbanen V2.3 RO’, van 5 juni 2025, opgesteld door Geluidburo BV (rapport V2.3RO).
3.Vergelijk de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 1 april 2025, ECLI:NL:RBMNL:2025:1428
4.Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7571