Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 7 januari 2026, waarbij de advocaten van partijen gebruik hebben gemaakt van spreekaantekeningen en waarvan voor het overige door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
2.De feiten
en zullen deze naar gelang inzetten.
3.Het geschil
4.De beoordeling
“Wij leveren boxen die volledig gecertificeerd zijn, voldoen aan DRM-vereisten (…) en goedgekeurd zijn door de belangrijkste filmstudio’s. Kortom, een end-to-end veilige oplossing die een solide, hoogwaardige beveiligingsoplossing biedt, geschikt voor defensie”). De gestelde tekortkoming ten aanzien van de veiligheidseisen van de eindgebruiker (het Ministerie van Defensie) is echter niet ten grondslag gelegd aan de ingebrekestelling van 23 april 2025 en evenmin aan de e-mail van 9 mei 2025 waarin Geniox bedoeld heeft de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden (zie 2.15). De stellingen die ter zitting zijn ingenomen over die veiligheidseisen zijn voor de juridische beoordeling van de zaak, zoals die aan de rechtbank is voorgelegd – veroordeling tot betaling als ongedaanmakingsverplichting op grond van de ontbinding van 9 mei 2025 – daarom niet relevant. Aan de daaraan voorafgaande klacht van Geniox over de in China geïnstalleerde software was AION eerder al tegemoetgekomen door die software te wissen en in Nederland opnieuw software te installeren.
de ST Boxen kunnen ook na de vervanging van de software makkelijk fungeren als “jump host” voor hackers en zijn daarom niet geschikt voor gebruik door het Ministerie van Defensie”) – een zakelijke regeling mogelijk toch voor de hand ligt. Gemotiveerd is gesteld met het rapport van Geniox zelf dat de veiligheid van de geleverde ST Boxen dusdanig te wensen overliet dat de levering niet beantwoordde aan de overeenkomst, ook al is daarin niet met zoveel woorden opgenomen aan welke eisen zij moesten voldoen. De stelling dat een rapport van Geniox zelf in dit kader geen enkele waarde heeft kan de rechtbank niet zonder meer volgen. AION heeft nog niets tegenover die gedetailleerde bevindingen gesteld – in de dagen voorafgaand aan de zitting, tussen kerst en Oud & Nieuw, was daarvoor niemand te vinden, zo stelde zij ter zitting. Anderzijds is AION ook nooit in gebreke gesteld die gestelde veiligheidsproblemen te verhelpen. De discussie over de veiligheidseisen is daarom (nog) niet voldragen. Welk oordeel daarop zou zijn gevolgd, is voor de rechtbank ongewis; de goede en kwade kansen van die discussie (in hoger beroep) zijn door partijen beter zelf in te schatten.