Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
.De Raad voor de Kinderbescherming heeft zich, wegens personeelstekort, vlak voor de zitting afgemeld.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De moeder verzoekt de rechtbank om het gezamenlijk gezag over hun minderjarige kind te beëindigen en haar het eenhoofdig gezag toe te kennen. Zij stelt dat de vader sinds lange tijd geen contact onderhoudt met haar en het kind, en bovendien onbereikbaar is, waardoor zij niet samen beslissingen kan nemen die noodzakelijk zijn voor het welzijn van het kind.
De rechtbank constateert dat de vader sinds oktober 2024 als niet-ingezetene staat geregistreerd en niet op de zitting is verschenen, ondanks behoorlijke oproeping. De moeder heeft aangetoond dat het ontbreken van contact en bereikbaarheid praktische problemen veroorzaakt, zoals bij het aanvragen van een identiteitskaart en medische beslissingen. Tevens is er sprake geweest van een incident waarbij de vader zich agressief uitliet in het bijzijn van het kind.
Op grond van de relevante wetsartikelen concludeert de rechtbank dat de minimale basis voor gezamenlijk gezag ontbreekt en dat het in het belang van het kind is het gezamenlijk gezag te beëindigen. De moeder wordt daarom belast met het eenhoofdig gezag. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en de moeder krijgt het eenhoofdig gezag over de minderjarige toegewezen.