Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 21 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van Benegas
- de pleitnota van Winder.
2.De feiten
{afbeelding 1}
2.Bestaande handelsrelatie
Zoals eerder aangegeven, bestaat er al geruime tijd een lopende handelsrelatie tussen [gedaagde] B.V. en Benegas B.V. Wij nemen regelmatig bulkpropaan af dat rechtstreeks door Benegas wordt geleverd via tankwagens op onze locatie. Wij beschouwen Benegas dan ook niet als een concurrent, maar als leverancier en partner binnen onze bedrijfsvoering. Alle propaangasproducten die bij ons aanwezig zijn, zijn van Benegas afkomstig. Tot 2021 werd [gedaagde] tientallen jaren bevoorraad door Primagaz Nederland B.V., waarvan Benegas in dat jaar de activiteiten en leveringsrelaties heeft overgenomen. Sindsdien is de samenwerking onder de naam Benegas voortgezet, met behoud van de leveringswijze en dezelfde operationele processen. Dat verklaart mede waarom bepaalde interne werkwijzen en flessenstromen in de praktijk overeenkomen met de vroegere Primagaz-leveringen. Tegen die achtergrond is het vermeende voorval van september 2025 geen bewuste of structurele merkinbreuk, maar hoogstens een incidentele miscommunicatie binnen een bestaande leveringsrelatie. Wij hebben intern maatregelen genomen om eventuele onduidelijkheden te voorkomen en medewerkers hierover opnieuw geïnstrueerd.
3.Onthoudingsverklaring en overleg
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)