Op 19 februari 2024 werd aan betrokkene een terbeschikkingstelling (tbs) met voorwaarden opgelegd wegens bedreiging, poging tot zware mishandeling, mishandeling en bezit van voorwerpen die lijken op een vuurwapen. De tbs ging in op 13 mei 2024. De officier van justitie verzocht de rechtbank om verlenging van de tbs met twee jaar.
De psycholoog en reclassering adviseerden verlenging vanwege een blijvende persoonlijkheidsstoornis met antisociale, narcistische en borderline kenmerken, en een matig tot hoog risico op gewelddadige recidive bij beëindiging van de maatregel. Betrokkene heeft stappen gezet in behandeling en vertoont positieve ontwikkelingen, maar de ambulante behandeling is nog niet gestart en er is geen gestructureerde dagbesteding.
De rechtbank constateert dat de wettelijke vereisten voor verlenging zijn vervuld en dat verlenging niet disproportioneel is. Gezien de positieve ontwikkeling maar het nog niet afgeronde behandeltraject en het ontbreken van een gestructureerde dagbesteding, verlengt de rechtbank de tbs-maatregel met één jaar om de voortgang te kunnen monitoren. De rechtbank benadrukt het belang van duidelijke rapportage over de behandeling en dagbesteding bij de volgende zitting.