Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 26 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Pré Wonen, een sociale woningcorporatie, verhuurt sinds april 2022 een woning aan de huurder. In 2025 ontvangt Pré Wonen signalen dat de woning door anderen wordt bewoond. Huisbezoeken bevestigen dat meerdere personen, niet ingeschreven op het adres, de woning gebruiken. De huurder ontkent onderverhuur en stelt zelf in de woning te verblijven, maar kan dit niet concreet onderbouwen.
Pré Wonen vordert ontruiming en betaling van huurachterstand wegens schending van de hoofdverblijfverplichting en onderverhuur. De kantonrechter benadrukt dat ontruiming een ingrijpende maatregel is en alleen kan worden toegewezen als de vordering in een bodemprocedure aannemelijk is en er spoedeisend belang is.
De kantonrechter oordeelt dat de huurder niet zijn hoofdverblijf in de woning heeft en deze langdurig aan anderen in gebruik heeft gegeven. De huurder voldoet niet aan zijn verzwaarde motiveringsplicht. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen met een termijn van veertien dagen. Tevens wordt de huurachterstand en buitengerechtelijke incassokosten toegewezen. De huurder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning wegens het niet hebben van het hoofdverblijf en onderverhuur, met betaling van huurachterstand en kosten.