ECLI:NL:RBNHO:2026:742

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
5 februari 2026
Publicatiedatum
29 januari 2026
Zaaknummer
C/15/371913 FT RK 25/920
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
FaillissementswetArt. 287 FaillissementswetArt. 288 FaillissementswetArt. 289 Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum vastgesteld

Schuldenares verzocht de rechtbank om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp). De rechtbank beoordeelde of zij voldeed aan de wettelijke toelatingseisen en of er aanleiding was om een eerdere ingangsdatum van de wsnp vast te stellen.

De rechtbank constateerde dat schuldenares parttime had gewerkt en een beperkte afloscapaciteit had. Hoewel niet met zekerheid kon worden vastgesteld of zij zich maximaal had ingespannen om werk te vinden, was zij in staat geweest een aanzienlijk bedrag van €9.144,22 te sparen via een beschermingsbewindvoerder. Dit leidde tot de conclusie dat een eerdere ingangsdatum van de wsnp gerechtvaardigd was.

De rechtbank bepaalde de ingangsdatum van de wsnp op 10 mei 2024, de dag van de eerste storting op de boedelrekening. De looptijd van 18 maanden werd verlengd tot één dag na het vonnis van toelating, te weten 6 februari 2026. Schuldenares moet zich gedurende de wsnp houden aan informatie- en meewerkverplichtingen, waarna zij in aanmerking komt voor de schone lei.

De rechtbank benoemde tevens een rechter-commissaris en een bewindvoerder voor de boedel. Het vonnis kan binnen acht dagen worden aangevochten bij het gerechtshof Amsterdam, uitsluitend met een advocaat.

Uitkomst: Schuldenares wordt toegelaten tot de wsnp met een ambtshalve vastgestelde ingangsdatum van 10 mei 2024 en looptijd tot 6 februari 2026.

Uitspraak

VONNIS TOELATING WSNP

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
zittingsplaats: Haarlem
afdeling: Handel, Kanton en Insolventie
zaaknummer: C/15/371913 FT RK 25/920
naam rechter: mr. M.P. de Valk
uitspraakdatum: 5 februari 2026
in de zaak van: [schuldenares] (hierna: schuldenares)
geboren op: [geboortedatum] 1983 te [plaats 1], Polen
wonende te: [plaats 2]
schuldhulpverlener: Verder team Haarlemmermeer.

1.Samenvatting

Schuldenares heeft de rechtbank verzocht om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp). De rechtbank moet beoordelen of schuldenares voldoet aan de wettelijke eisen die daarvoor gelden. Daarnaast moet de rechtbank (ambtshalve) beoordelen of er aanleiding is om een eerdere ingangsdatum van de wsnp te bepalen.

2.Beslissing van de rechtbank

De rechtbank laat schuldenares met ingang van datum 5 februari 2026 toe tot de wsnp. De termijn van de wsnp gaat lopen vanaf 10 mei 2024 en eindigt dan op 6 februari 2026.

3.Gevolgen voor schuldenares

  • Schuldenares moet zich gedurende de komende maanden houden aan de informatie- en meewerkverplichtingen van de wsnp.
  • Zo lang de wsnp duurt, mogen schuldeisers geen betaling eisen voor de al bestaande schulden.
  • Als schuldenares zich aan alle verplichtingen houdt, komt zij in aanmerking voor de schone lei. Als schuldenares zich niet aan de verplichtingen houdt, kan de wsnp (eerder) worden beëindigd zonder schone lei. Schuldeisers kunnen schuldenares dan weer tot betaling dwingen.

4.Redenen voor deze beslissing

  • De rechtbank stelt vast dat schuldenares voldoet aan de toelatingseisen.
  • Gelet op het arrest van de Hoge Raad van 20 december 2024
Vanaf 10 mei 2024 is schuldenares via de beschermingsbewindvoerder gaan sparen voor de boedel. Blijkens een overzicht van de beschermingsbewindvoerder is in de periode vanaf mei 2024 tot december 2025 in totaal een bedrag van € 9.144,22 gespaard.
 Ofschoon de rechtbank op basis van bovengenoemde informatie niet met zekerheid kan vaststellen of schuldenares zich in het minnelijke traject maximaal heeft ingespannen om (fulltime) te werken, is zij kennelijk in staat geweest een zeer aanzienlijk bedrag te sparen. Dat is voor de rechtbank aanleiding om ondanks onduidelijkheid omtrent haar sollicitaties toch een eerder aanvangsmoment te bepalen voor de termijn van de wsnp. De rechtbank zal dit moment bepalen op 10 mei 2024, de dag waarop schuldenares haar eerste storting (van € 1.500,-) op de spaarrekening heeft gedaan. Uitgaande van deze ingangsdatum is op 10 december 2025 de looptijd van 18 maanden volgelopen. Omdat de boedel wel gefixeerd moet worden met het oog op de vereffening daarvan zal de rechtbank de looptijd verlengen tot en met één dag na datum van het toelatingsvonnis. Ter voorlichting van partijen wijst de rechtbank er voorts op dat ondanks de afronding van de materiele looptijd van de wsnp nog wel een formele afwikkeling van de schuldsanering zal moeten plaatsvinden. Schuldenares heeft vanaf 6 februari 2026 (behalve een meewerk- en informatieverplichting) geen verdere verplichtingen meer. De formele afwikkeling zal doorgaans behelzen het houden van een verificatievergadering, een eindverslag en een eindzitting.

5.Stukken waarop dit vonnis is gebaseerd

  • Het verzoekschrift
  • De aantekeningen van de zitting die op 27 januari 2026 plaatsvond. Op deze zitting zijn schuldenares en [betrokkene] (schuldhulpverlener) verschenen.

6.Andere gevolgen van dit vonnis

  • De rechtbank benoemt tot rechter-commissaris: mr. M.W. Koenis
  • De rechtbank benoemt tot bewindvoerder:
[bewindvoerder]
.
 De bewindvoerder mag een voorschot op het salaris nemen volgens het Besluit salaris bewindvoerder. Dit kan alleen:
- zolang de schuldsaneringsregeling loopt en
- als er genoeg geld op de boedelrekening staat.

7.Mogelijkheden om dit vonnis aan te vechten

Dit vonnis kan, voor zover het de beslissing over de looptijd van de wsnp betreft, binnen acht dagen na de uitspraakdatum worden aangevochten bij het gerechtshof Amsterdam. Dit kan alleen met behulp van een advocaat.
De griffier De rechter