Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 12 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- het tegen [gedaagde] verleende verstek.
Rechtbank Noord-Holland
Boxtom B.V. vordert in kort geding ontruiming en retourname van vier tijdelijke woonunits en een mantelzorgwoning die door [gedaagde] worden gehuurd, vanwege huurachterstand en gebrek aan onderhoud. De rechtbank stelt vast dat de woonunits als zelfstandige woonruimte kunnen worden gekwalificeerd en dat de feitelijke gebruikers, zorgbehoevende jongvolwassenen met een handicap, mogelijk huurbescherming genieten.
De gevorderde ontruiming en retourname worden afgewezen omdat een dergelijke maatregel diep ingrijpt in het gebruiksrecht en in kort geding geen diepgaand onderzoek kan plaatsvinden. De rechtbank gaat ervan uit dat de gebruikers aanspraak kunnen maken op huurbescherming, mede vanwege hun kwetsbare positie.
Wel worden de vorderingen tot betaling van de huurachterstand van €12.705,00 en de toekomstige huurpenningen van €1.815,00 per maand voor drie maanden toegewezen, inclusief wettelijke handelsrente. Daarnaast wordt [gedaagde] veroordeeld zich als een goed huisvader te gedragen ten aanzien van de objecten, onder dreiging van een dwangsom.
Verder krijgt Boxtom een vergoeding van €902,05 voor buitengerechtelijke incassokosten en worden de proceskosten van €2.354,54 aan [gedaagde] opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De vorderingen tot betaling van huurachterstand, toekomstige huur en gedragsbevel worden toegewezen, de ontruiming en retourname worden afgewezen.