ECLI:NL:RBNHO:2026:7914
Rechtbank Noord-Holland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek studievoucher tegemoetkoming door minister bevestigd
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin haar verzoek om een tegemoetkoming voor de studievoucher werd afgewezen. De minister had het verzoek aanvankelijk op 5 februari 2025 afgewezen en bleef bij die beslissing na het bezwaar van eiseres op 6 juni 2025.
De rechtbank heeft het beroep op 25 juni 2026 behandeld en direct uitspraak gedaan. De rechtbank oordeelt dat de minister het verzoek op juiste gronden heeft afgewezen. Eiseres voerde onder meer een beroep op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het gelijkheidsbeginsel, maar de rechtbank stelt dat een wet in formele zin niet aan deze beginselen kan worden getoetst. De wetgever heeft bewust de doelgroep afgebakend en de minister is niet voornemens de wet te wijzigen.
Daarnaast is er geen sprake van onbillijkheden van overwegende aard in het kader van de hardheidsclausule, mede omdat eiseres geen studieschuld heeft en de tegemoetkoming voor een andere doelgroep is bedoeld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand, en eiseres krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar verzoek om een studievoucher tegemoetkoming wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister blijft in stand.