Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[gedaagde 1],
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de akte met aanvullende producties 5 en 6 van [gedaagden]
2.De feiten
Een kleine lekkage t.p.v. plafond badkamer tweede verdieping. Dakafvoeren waren geblokkeerd door vuil. Is verholpen door dakdekker. De combinatie van heftige wind en regen heeft er vermoedelijk door opstuwing voor gezorgd dat er een beetje water door een ventilatiepijp op het dak naar binnen is gekomen. Verder in 9 jaar tijd geen lekkages gehad.”
1. Rapportage
2.Eerdere schadeBij de werkzaamheden zijn duidelijke sporen aangetroffen van een eerder uitgevoerde, niet-professionelereparatie:
Cliënte stelt u in gebreke en verzoekt u –en voor zover nodig sommeert u– haar uiterlijk op 31 oktober aanstaande te bevestigen dat u uw aansprakelijkheid alsnog aanvaardt(…)”.
3.Het geschil
4.De beoordeling
NVM-Model koopovereenkomst voor een bestaande eengezinswoning (model 2021)”, waarin een van artikel 7:17 BW Pro afwijkende regeling is opgenomen. In artikel 6.1 van de koopovereenkomst is bepaald dat [eiser] als koper de woning aanvaardt in de staat waarin deze bij het tot stand komen van de overeenkomst bevindt, met alle zichtbare en onzichtbare gebreken. Op grond van dit artikel draagt [eiser] in beginsel het risico van die gebreken. In artikel 6.3 van de koopovereenkomst is daarop een uitzondering gemaakt, in die zin dat [gedaagden] als verkopers ervoor instaan dat de woning bij de eigendomsoverdracht de feitelijke eigenschappen zal bezitten die nodig zijn voor een normaal gebruik als woning. [gedaagden] dragen dus het risico voor (onzichtbare) gebreken aan de woning op het moment van levering, voor zover die gebreken aan het normale gebruik als woning in de weg staan. Volgens datzelfde artikel draagt [eiser] als koper dat risico, als haar die gebreken bekend of kenbaar zijn op het moment van het tot stand komen van de overeenkomst.