ECLI:NL:RBNHO:2026:8386

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 juni 2026
Publicatiedatum
8 juli 2026
Zaaknummer
HAA 26/3280
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 AwbArt. 2.3.5 Wmo 2015
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om voorlopige voorziening inzake overstap naar andere zorgaanbieder niet-ontvankelijk verklaard

Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een e-mail van Stichting Accuraat Begeleid Wonen waarin werd medegedeeld dat hij moet overstappen naar een andere zorgaanbieder. De gemeente Haarlem had de overeenkomst met Accuraat ontbonden vanwege het niet voldoen aan wettelijke eisen. Verzoeker vroeg om schorsing van deze mededeling via een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter oordeelt dat het e-mailbericht van de zorgaanbieder geen besluit is dat aan de gemeente kan worden toegerekend, maar slechts een mededeling van de zorgaanbieder zelf. Verzoeker verblijft zonder een door de gemeente toegekende maatwerkvoorziening, waardoor tegen het bericht geen bezwaar of beroep openstaat.

Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk en wordt het niet inhoudelijk behandeld. Er wordt geen ordemaatregel getroffen en er is geen ruimte voor proceskostenveroordeling of griffierechtvergoeding.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het e-mailbericht geen besluit van de gemeente betreft.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 26/3280

uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 juni 2026 in de zaak tussen

[verzoeker] , uit Haarlem, verzoeker

(gemachtigde: mr. J. Sprakel),
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem, het college.

Inleiding

1.1.
In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening en ordemaatregel van verzoeker in verband met een van Stichting Accuraat Begeleid Wonen (Accuraat) op 8 juni 2026 ontvangen e-mail dat hij moet overstappen naar een andere zorgaanbieder. Verzoeker is het hiermee oneens, heeft hiertegen bezwaar gemaakt en heeft verzocht om dit besluit te schorsen gedurende de bezwaarprocedure. Het college heeft op het verzoek om voorlopige voorziening gereageerd met een verweerschrift.
1.2.
Het verzoek is kennelijk niet-ontvankelijk. De voorzieningenrechter doet daarom uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Feiten en omstandigheden

2. De rechtbank stelt de volgende niet in geschil zijnde feiten en het procesverloop vast.
2.1.
Met het besluit van 4 juli 2024 heeft de gemeente Haarlem de hulp (Beschut wonen) per 28 juni 2024 beëindigd. Hiertegen zijn geen rechtsmiddelen aangewend.
2.2.
Na onderzoek door de GGD, waaruit – samengevat – is gebleken dat Accuraat niet aan de aan een zorgverlener te stellen wettelijke eisen voldoet en de mogelijkheid om herstelmaatregelingen te treffen niet, dan wel onvoldoende heeft benut, heeft de gemeente Haarlem de overeenkomst met Accuraat per 30 juni 2026 ontbonden.
2.3.
In een emailbericht van 26 mei 2026 staat, voor zover hier van belang, het volgende:
Wat betreft dhr. [verzoeker] . Deze mijnheer heeft geen indicatie vanuit de gemeente Haarlem.
2.4.
Het college heeft vervolgens aan meerdere betrokkenen met een indicatie beschermd wonen, verblijvend en zorg ontvangend van Accuraat, op 11 mei 2026 laten weten dat het verblijf bij Accuraat per 30 juni 2026 stopt. Hen is, samengevat, de mogelijkheid geboden om gebruik te maken van het aanbod van een nieuwe zorgaanbieder.
2.5.
In een e-mailbericht van 8 juni 2026 staat, voor zover hier van belang, het volgende:
Beste [naam] ,
Ik wil je even informeren over je woonsituatie. De gemeente Haarlem heeft het contract met Accuraat beëindigd. Dit betekent dat alle bewoners, dus ook jij, moeten overstappen naar een andere zorgaanbieder. Een hete vervelende situatie voor jou, dat begrijpen wij heel goed.
2.6.
Hiertegen heeft verzoeker op 22 juni 2026 bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter op 25 juni 2026 verzocht om een voorlopige voorziening en ordemaatregel te treffen.
2.7.
Het college heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend.

Standpunten van het college

3. Volgens het college is er geen aanleiding voor het treffen van een ordemaatregel dan wel voorlopige voorziening. De maatwerkvoorziening (beschut wonen) is met het besluit van 4 juli 2024 beëindigd. Dit besluit staat in rechte vast. Er is geen lopende indicatie van verzoeker bij het college bekend. Accuraat is hiervan op de hoogte. Verzoeker heeft de brief van 11 mei 2026 niet gekregen, omdat dit wegens het ontbreken van een indicatie geen betrekking op hem heeft.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

4.1.
Het verzoek om voorlopige voorziening is naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet-ontvankelijk. Daartoe overweegt hij het volgende.
4.2.
Het emailbericht van 8 juni 2026 van Accuraat dat verzoeker dient over te stappen naar een andere zorgaanbieder is naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter een niet aan de gemeente Haarlem toe te rekenen besluit, nu het slechts een mededeling bevat van de zorgaanbieder zelf. Daarbij is van belang dat verzoeker blijkbaar op de locatie verblijft zonder dat daaraan een door de gemeente Haarlem toegekende maatwerkvoorziening, als bedoeld in artikel 2.3.5., leden 3 en 5, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, ten grondslag ligt. Wat de reden voor het verblijf dan wel is volgt niet uit de stukken.
4.3.
Naar voorlopig oordeel staat tegen het e-mailbericht dan ook geen bezwaar (en ook geen beroep) open. Er kan daarom ook geen voorlopige voorziening bij de bestuursrechter worden gevraagd. Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorzienig is dan ook kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat er ook geen ordemaatregel kan worden getroffen.
Conclusie en gevolgen
5. Omdat het verzoek niet-ontvankelijk is, zal het verzoek niet inhoudelijk worden behandeld. Bij deze beslissing is geen ruimte voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het griffierecht.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk en treft geen ordemaatregel.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Jurgens, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van F. Voskamp, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 30 juni 2026.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.