Uitspraak
.Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
De last onder dwangsom - procedureel
Is sprake van strijd met de rechtszekerheid?
De last onder dwangsom - inhoudelijk
Is eiser aan te merken als overtreder?
Is sprake van misbruik van de handhavingsbevoegdheid?16. Eiser betoogt dat het erop lijkt dat het college zijn handhavingsbevoegdheid heeft ingezet om ervoor te zorgen dat het rijksmonument aan een bevriende relatie zou worden verkocht. Eiser onderbouwt dit met stukken die hij verkregen heeft middels een door hem ingediend verzoek om openbaarmaking van informatie. Het college was op de hoogte van de geplande verkoop van het rijksmonument en heeft nauw contact gehad met deze bevriende relatie over de handhaving. Hiermee heeft het college door inzet van de handhavingsbevoegdheid de verkoop beïnvloedt ten gunste van die bevriende relatie. De bevriende relatie had immers een groot belang bij de uitoefening van zoveel mogelijk financiële druk op eiser. Het college faciliteerde hem daarin door de timing van het handhavend optreden, met bovendien zakelijke werking. Dit heeft een belemmerend effect gehad op de verkoop van het rijksmonument. Eerst na het verlopen van de begunstigingstermijn en het verbeuren van dwangsommen ontstond pas ruimte voor verkoop.
Zijn er (andere) bijzondere omstandigheden om van handhaving af te zien?
Is de opgelegde last excessief hoog?
Conclusie en gevolgen
.Eiser krijgt dus geen gelijk en zijn beroep is ongegrond. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug en voor een vergoeding van zijn proceskosten bestaat geen aanleiding.