Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
bijlage 1aan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland behandelde een strafzaak tegen een verdachte die werd verdacht van ontucht met minderjarige jongens en bezit van kinderpornografisch materiaal. Tijdens de procedure bleek dat de verdachte was overleden op een datum in 2025.
Op grond van artikel 69 van Pro het Wetboek van Strafrecht vervalt het recht tot strafvordering door het overlijden van de verdachte. De officier van justitie werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging. Omdat de vervolging niet ontvankelijk is, konden ook de vorderingen van de benadeelde partijen niet worden ontvangen.
De rechtbank wees de vorderingen van negen benadeelde partijen af en verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer op 2 februari 2026 in Alkmaar.
Uitkomst: De officier van justitie en benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden van de verdachte.