Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
als bijlage Iaan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.
Rechtbank Noord-Holland
Op 25 juli 2020 vond in Zuiderwoude een dodelijk verkeersongeval plaats waarbij een 14-jarig meisje werd aangereden. Verdachte werd beschuldigd van schuld aan het ongeval, het veroorzaken van gevaar op de weg, het niet tijdig tot stilstand komen en het verlaten van de plaats van het ongeval. Na uitgebreid onderzoek en een langdurige procedure sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
De rechtbank oordeelde dat verdachte tussen de 50 en 80 km/u reed en dat hij kortstondig (ongeveer 2,5 seconden) naar de navigatie keek, wat onder de omstandigheden niet als aanmerkelijk onvoorzichtig of onoplettend kan worden beschouwd. Er was onvoldoende bewijs dat verdachte niet tijdig had kunnen stoppen of dat hij gevaar op de weg had veroorzaakt. Ook kon niet worden vastgesteld dat verdachte wist of moest vermoeden dat hij een persoon had aangereden, mede omdat het letsel en de sporen wezen op een liggend slachtoffer en verdachte dacht een dier te hebben geraakt.
Verder was er geen bewijs dat verdachte het slachtoffer had verplaatst of dat hij bewust de plaats van het ongeval had verlaten met kennis van de ernst. De rechtbank vernietigde de eerder opgelegde strafbeschikking en sprak verdachte vrij. De vorderingen tot schadevergoeding van de ouders van het slachtoffer werden niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten in verband met het dodelijk verkeersongeval.