Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van 29 juli 2026 in de zaak tussen
[B.V. 2] ., uit [plaats 2] , en
[B.V. 3] ., uit [plaats 2] , verzoekers
Rechtbank Noord-Holland
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem heeft een verkeersbesluit genomen om een tijdelijke pilot met eenrichtingsverkeer in te stellen op de Pijlslaan van 3 augustus tot 3 december 2026, gericht op het verbeteren van de verkeersveiligheid. Verzoekers, eigenaren en exploitanten van een bouwmarkt aan de Pijlslaan, maakten bezwaar tegen dit besluit en vroegen de voorzieningenrechter om schorsing van het besluit.
Verzoekers stelden dat het besluit onzorgvuldig tot stand is gekomen, dat zij niet betrokken waren bij participatierondes, en dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met hun economische belangen en de verkeersstromen naar hun bedrijf. Zij vreesden omzetverlies, verminderde bereikbaarheid en logistieke ontregeling. Tevens betwistten zij de motivering en onderbouwing van het besluit.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college voldoende heeft gemotiveerd welke belangen het verkeersbesluit dient en dat de belangenafweging niet onevenredig is. Verzoekers hebben hun stellingen over schade niet met financiële of verkeerstechnische gegevens onderbouwd. De rechter achtte het spoedeisend belang aanwezig, maar zag geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek af en bepaalde dat er geen reden is voor vergoeding van griffierecht of proceskosten. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het verkeersbesluit voor eenrichtingsverkeer op de Pijlslaan wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van schade door verzoekers.