Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Vordering officier van justitie
- veroordeling voor het onder 1 en 2 ten laste gelegde;
- oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 300 dagen waarvan 168 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaren;
- oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door Reclassering Nederland;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] tot een bedrag van € 3.000,00 en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel voor dit bedrag; niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij voor het resterende bedrag.
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
- de aard en de ernst van de gepleegde feiten;
- de omstandigheden waaronder deze zijn begaan;
- de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken en deze naar voren komt uit het uittreksel uit de justitiële documentatie, het reclasseringsadvies en het psychologisch onderzoek;
- de vordering van de officier van justitie;
- het pleidooi van de raadsman.
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT, RECHTDOENDE:
- zal meewerken aan opname in een instelling voor begeleid wonen of beschermd wonen of maatschappelijke opvang;
- werk aanvaardt bij de sociale werkvoorziening of elders;
- zal meewerken aan een vorm van onder bewind stelling.