Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Vordering officier van justitie
- veroordeling voor het in de zaak met parketnummer 17/219955-11 ten laste gelegde en het in de zaak met parketnummer 17/135407-12 primair ten laste gelegde;
- oplegging van een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden met aftrek van de tijd die verdachte heeft doorgebracht in voorlopige hechtenis;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer], met betrekking tot het feit met parketnummer 17/219955-11, tot een bedrag van € 300,00 met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ter hoogte van dat bedrag;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer], met betrekking tot het feit met parketnummer 17/135407-12, tot een bedrag van € 6.347,29 met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ter hoogte van dat bedrag.
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
- de aard en de ernst van het gepleegde feit;
- de omstandigheden waaronder dit is begaan;
- de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken en deze naar voren komt uit het uittreksel uit de justitiële documentatie en het reclasseringsadvies;
- het bepaalde in artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
- de vordering van de officier van justitie;
- het pleidooi van de raadsman.