ECLI:NL:RBNNE:2013:3797
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens niet kennelijk onredelijk ontslag en re-integratieverplichtingen
De zaak betreft een geschil tussen een werknemer en zijn werkgever over de re-integratieverplichtingen en de ontslaggrond die door het UWV is aanvaard. Na een deskundigenonderzoek door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige, waarbij ook een rit met een vrachtwagen is gemaakt, is vastgesteld dat een aangepaste stoel geen verbetering zou hebben gebracht in de lichamelijke situatie van de werknemer. Tevens was er binnen het bedrijf geen passend werk beschikbaar na 5 mei 2009.
De kantonrechter concludeert dat de werknemer wegens medische redenen ongeschikt was om zijn eigen werk te verrichten en dat de werkgever niet tekort is geschoten in haar re-integratieverplichtingen. Hoewel de werkgever niet direct een aangepaste stoel heeft geplaatst en de bejegening tijdens een gesprek in september 2009 te wensen overliet, is dit onvoldoende om het ontslag kennelijk onredelijk te achten.
De vordering van de werknemer wordt afgewezen. Gezien de onzekerheid die is ontstaan door het niet meteen plaatsen van de stoel, draagt iedere partij haar eigen proceskosten, terwijl de kosten van de deskundigen voor rekening van de werkgever blijven.
Uitkomst: De vordering van de werknemer wordt afgewezen wegens niet kennelijk onredelijk ontslag en voldoende naleving van re-integratieverplichtingen door de werkgever.