Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding;
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van [A].
2.De feiten
(…)
(…)
17. (…) De slotsom is dat het bestreden vonnis niet onverkort in stand kan blijven, nu het door de kantonrechter vastgestelde bedrag aan achterstallig loon dient te worden herzien en het in eerste aanleg toegewezen bevel tot tewerkstelling in hoger beroep niet langer wordt gevorderd. Het bestreden vonnis zal in zoverre dan ook worden vernietigd.
Het hof is van oordeel dat er geen sprake is van een kennelijke schrijf- of rekenfout.
Het door het hof geformuleerde dictum is niet met het voorgaande in tegenspraak. Het
3.Het geschil
15 januari 2013 dus niet juist en is er dus ten onrechte een bedrag toegekend onder
4.De beoordeling
(…)De conclusie moet dan ook zijn dat [B] het in het dictum van het arrest van 15 januari 2013 genoemde bedrag van € 38.462,84 alsmede de wettelijke verhoging van 20% (en de rente vanaf 1 december 2010) naast hetgeen hij alstoen reeds had voldaan is verschuldigd.(…)'.