ECLI:NL:RBNNE:2013:BY9091
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering WAO-uitkering en boete wegens schending inlichtingenplicht
Eiser ontvangt sinds 1995 een WAO-uitkering en verrichtte daarnaast arbeid waarvoor hij inkomsten genoot. Verweerder heeft een deel van de uitkering over de periode 2006-2010 teruggevorderd en een boete opgelegd wegens schending van de inlichtingenplicht. Eiser betwistte de terugvordering en de boete en stelde onder meer dat hij de werkzaamheden telefonisch had gemeld en dat afspraken bestonden waardoor zijn uitkering niet zou wijzigen.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet tijdig en volledig heeft geïnformeerd, omdat de telefonische melding niet is geregistreerd en eiser bekend was met de meldingsplicht. De berekening van verweerder over de terugvordering is juist en toepassing van artikel 44 WAO Pro met terugwerkende kracht is niet in strijd met rechtszekerheid. De rechtbank verwierp het beroep op gerechtvaardigd vertrouwen en stelde dat eiser verwijtbaar heeft gehandeld.
Ook de boete is terecht opgelegd, aangezien eiser niet aan zijn meldingsplicht voldeed en geen dringende redenen voor afzien van de boete zijn gebleken. De rechtbank concludeerde dat verweerder de boete passend heeft vastgesteld rekening houdend met de financiële situatie van eiser. De beroepen zijn ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt terugvordering en boete wegens niet tijdig en volledig informeren.