ECLI:NL:RBNNE:2013:BZ0103
Rechtbank Noord-Nederland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vordering tot verificatie in wettelijke schuldsaneringsregeling afgewezen
In deze zaak stond de verificatie van een vordering van €400.000, ingediend door een buitenlandse rechtspersoon, centraal binnen de wettelijke schuldsaneringsregeling van twee natuurlijke personen. Tijdens de verificatievergadering betwistte de bewindvoerder de vordering, waarna partijen werden verwezen naar een renvooiprocedure.
De bewindvoerder trok later de betwisting in, waarna eiseres primair verstek vorderde en subsidiair de erkenning van haar vordering tot €400.000 op de lijst van erkende schuldeisers. De rechtbank besloot de akte van eiseres als conclusie van eis te beschouwen en oordeelde dat artikel 122 Faillissementswet Pro geen grondslag biedt voor toelating tot de lijst van schuldeisers.
De rechtbank erkende de vordering van eiseres op grond van artikel 122 lid 3 Faillissementswet Pro als niet weersproken en op de wet gegrond. De bewindvoerder werd veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van eiseres werden begroot op €1.027. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De vordering tot toelating tot de lijst van erkende schuldeisers wordt afgewezen, maar de vordering tot erkenning van €400.000 wordt toegewezen.