ECLI:NL:RBNNE:2013:BZ3285
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens vermeende vooringenomenheid in jeugdbeschermingszaak
In deze zaak dienden verzoekers een wrakingsverzoek in tegen rechter Holsink, die betrokken was bij een procedure betreffende verlenging van jeugdbeschermingsmaatregelen. Verzoekers stelden dat de rechter vooringenomen was omdat zij reeds had aangekondigd de maatregelen te zullen verlengen en omdat zij collega was van een rechter die eerder kinderontvoering had toegestaan.
De rechtbank stelde vast dat de aankondiging van de verlenging een procesbeslissing betrof, bedoeld als overbruggingsmaatregel zonder inhoudelijk oordeel, waardoor geen sprake kon zijn van vooringenomenheid. Tevens oordeelde de rechtbank dat het enkele feit dat Holsink collega was van een andere rechter geen grond bood voor het vermoeden van vooringenomenheid.
Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. De procedure werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken door een meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen rechter Holsink is afgewezen wegens gebrek aan zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.