ECLI:NL:RBNNE:2013:CA2827
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid rechtbank bij beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek gegevens administratieve sanctie
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn verzoek van 7 januari 2012 om gegevens te verkrijgen over een administratieve sanctie wegens een verkeersovertreding uit 2007. Hij stelde dat dit verzoek als een Wob-aanvraag moest worden aangemerkt en dat verweerder daarom een dwangsom verschuldigd was.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek van eiser in feite een administratief beroepschrift tegen de opgelegde sanctie is, waarin hij tevens om toezending van bewijsstukken vroeg ter onderbouwing van zijn beroep. Dit verzoek is niet te kwalificeren als een Wob-verzoek, omdat eiser niet expliciet om openbaarmaking vroeg en niet verwees naar de Wob.
De rechtbank stelt vast dat verweerder het verzoek terecht heeft opgevat als een verzoek om afschrift van de processtukken op grond van artikel 7:18 Awb Pro, toepasselijk op administratief beroep tegen administratieve sancties. Omdat geen sprake is van een aanvraag in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, is er ook geen sprake van niet tijdig beslissen op een aanvraag.
Daarom is de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en kan zij geen dwangsom vaststellen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. de Groot op 14 februari 2013.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het verzoek om gegevens over de administratieve sanctie.