ECLI:NL:RBNNE:2014:2019
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplegen doodslag en pogingen bij hennepdeal na schietincident
De rechtbank Noord-Nederland sprak op 22 april 2014 een 28-jarige man vrij van medeplegen van (gekwalificeerde) doodslag, poging tot diefstal met geweld, poging tot afpersing en poging tot oplichting. Het betrof een schietincident tijdens een hennepdeal waarbij het slachtoffer overleed. De rechtbank kon niet vaststellen wie het vuurwapen bij zich had of wie schoten loste. Er was geen bewijs van bewuste samenwerking gericht op het plegen van doodslag of geweld.
De feiten betroffen een ontmoeting tussen verdachte, medeverdachte en het slachtoffer bij een woning en een schuurtje waar de schoten werden gelost. Forensisch onderzoek toonde verwondingen bij het slachtoffer die niet overeenkwamen met de verklaringen van verdachte en medeverdachte. DNA-materiaal van de medeverdachte werd onder de nagels van het slachtoffer gevonden, wat wijst op geweldshandelingen.
De rechtbank achtte de verklaring van een derde betrokkene, die ontkende aanwezig te zijn bij het schietincident, geloofwaardig. Er was onvoldoende bewijs dat verdachte of medeverdachte het wapen hadden of schoten losten. Ook het opzet op het gebruik van geweld kon niet worden bewezen. Ten aanzien van de poging tot oplichting met vals geld was niet bewezen dat verdachte wist van de valsheid.
De vorderingen van benadeelde partijen werden niet ontvankelijk verklaard omdat het feit niet bewezen was. De rechtbank concludeerde dat verdachte niet schuldig was aan de ten laste gelegde feiten en sprak hem vrij.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen van doodslag en andere ten laste gelegde feiten.