Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.de vereniging met volledige rechtsbevoegdheidFNV Bondgenoten,statutair gevestigd te Utrecht;
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te[plaats];
[eisende partij],
wonende te[plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
19.[eisende partij],wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats];
[eisende partij],
wonende te [plaats],
Qbuzz B.V.,
Diensttijd: de tijd, gelegen tussen aanvang en einde van de dienst.
Aanvang diensttijd: de begintijd van de eerste te verrichten rit, vervroegd met opstaptijd en aanrijdtijd.
Opstaptijd: de tijd die wordt gegeven om de door het bedrijf gegeven instructies en/of opgedragen werkzaamheden te verrichten, voordat wordt uitgerukt of de werkzaamheden van anderen worden overgenomen.
Aanrijdtijd/Aanlooptijd/Aanreistijd: de tijd die wordt gegeven om zich te verplaatsen van de stalling of garage naar het punt, waar de eerste rit wordt begonnen.
Afrijtijd/Aflooptijd/Afreistijd: de tijd die de autobuschauffeurs binnen de dienst wordt gegeven om zich te verplaatsen van de plaats waar de laatste rit eindigt, naar de stalling of garage.
Einde diensttijd: de tijd waarop de laatste werkzaamheid eindigt, verlengd met de afstaptijd en - eventueel - de afrekentijd.
(…)
Afstaptijd: de tijd die de autobuschauffeur in de dienst wordt gegeven om de door het bedrijf gegeven instructies en/of opgedragen werkzaamheden te verrichten, nadat wordt ingerukt of de werkzaamheden aan anderen worden overgedragen.
In elke dienst of dienstdeel met een arbeidstijd langer dan 4 uur wordt tenminste een pauze van 15 minuten of meer ingebouwd die op een redelijk tijdstip in de dienst kan worden genoten. In elke dienst of dienstdeel met een arbeidstijd langer dan 5,5 uur wordt een pauze van 30 minuten aaneengesloten opgenomen, eventueel op te splitsen in twee maal 15 minuten.
(…)
Op de plaats waar de pauzes worden genoten, dient een voorziening te zijn bestaande uit een verwarmde ruimte met meubilair, koffievoorziening en toilet.
Arbeidstijd (= betaalde tijd): de diensttijd verminderd met de rusttijd.
Rusttijd: iedere periode in de diensttijd op standplaats, waarin langer dan 29 minuten geen werkzaamheden behoeven te worden verricht. Op de plaats waar de rusttijd wordt genoten dient een voorziening te zijn bestaande uit een verwarmde ruimte met meubilair, koffievoorziening en toilet.