De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 9 december 2014 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van witwassen en het opzettelijk nalaten van tijdige gegevensverstrekking aan de gemeente De Wolden in het kader van de Wet Werk en Bijstand.
De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten van witwassen omdat niet kon worden bewezen dat het geldbedrag en de auto afkomstig waren uit een misdrijf. Wel achtte de rechtbank bewezen dat verdachte in 2009 samen met haar partner een bedrag van 12.500 euro ontving zonder dit aan de gemeente te melden, wat kan leiden tot bevoordeling bij de bijstandsuitkering.
Verdachte werd veroordeeld voor het opzettelijk nalaten van het tijdig verstrekken van de benodigde gegevens, strafbaar gesteld onder artikel 227b van het Wetboek van Strafrecht (oud). De rechtbank legde een werkstraf van 60 uur op met een vervangende hechtenis van 30 dagen bij niet-naleving. De strafrechtelijke beoordeling hield rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden en het ontbreken van eerdere veroordelingen.