ECLI:NL:RBNNE:2014:6708
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen bedrieglijke verkorting schuldeisers bij faillissement
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte, bestuurder van een failliete rechtspersoon, veroordeeld voor medeplegen van bedrieglijke verkorting van de rechten van schuldeisers. Verdachte heeft in de periode van 28 februari tot 4 april 2011 goederen uit de failliete boedel verkocht en de opbrengst niet aan de curator afgedragen, waardoor de afwikkeling van het faillissement ernstig werd bemoeilijkt.
Het bewijs bestond uit verklaringen van betrokkenen, waaronder [persoon 1] die in opdracht van verdachte de goederen heeft verkocht, en [persoon 2] die getuige was van de verkoop en opslag van goederen. Telefonische contacten tussen verdachte en [persoon 1] ondersteunden de verklaringen. De rechtbank verwierp het verweer van de verdediging dat de verklaringen onbetrouwbaar waren.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte de curator heeft benadeeld door goederen buiten het bereik van de boedel te brengen en de opbrengst niet af te dragen. De strafrechtelijke kwalificatie is medeplegen van bedrieglijke bankbreuk. Gezien de overschrijding van de redelijke termijn en de ernst van het feit legde de rechtbank een werkstraf van 200 uren op met een vervangende hechtenis van 100 dagen.
De vordering van de curator tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard en dient bij de burgerlijke rechter te worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 200 uren taakstraf met 100 dagen vervangende hechtenis wegens medeplegen bedrieglijke verkorting van schuldeisers.