ECLI:NL:RBNNE:2014:671
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.I. Klaassens
- O.J. Bosker
- S. Zwerwer
- Rechtspraak.nl
Verwerping preliminair verweer niet-ontvankelijkheid OM wegens vormverzuim tijdens voorbereidend onderzoek
Tijdens de terechtzitting van 28 januari 2014 heeft de raadsvrouw van verdachte verzocht om het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 359a Sv, omdat volgens haar het recht van verdachte op bijstand van een advocaat tijdens het politieverhoor was geschonden. Zij verwees naar een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak Navone tegen Monaco en naar Europese regelgeving die het recht op rechtsbijstand tijdens politieverhoren vastlegt.
De officier van justitie betoogde dat deze uitspraak een specifieke situatie in Monaco betreft en geen aanleiding geeft tot wijziging van het Nederlandse recht. De rechtbank oordeelde dat niet-ontvankelijkheid wegens vormverzuim slechts in uitzonderlijke gevallen kan worden uitgesproken, namelijk wanneer sprake is van ernstige inbreuk op de procesorde met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte.
De rechtbank stelde vast dat hiervan in deze zaak geen sprake is en verwierp het preliminair verweer. Daarnaast wees de rechtbank erop dat beslissingen over het al dan niet toelaten van verklaringen van verdachte aan de zittingsrechter zijn voorbehouden en niet vooraf kunnen worden genomen. De zaak wordt hervat op een nog te bepalen datum, waarbij de verdachte en zijn raadsvrouw worden opgeroepen.
Uitkomst: Het preliminair verweer van verdachte tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie wegens vormverzuim wordt verworpen.