Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2015:1648

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
1 april 2015
Publicatiedatum
2 april 2015
Zaaknummer
3689851 / 14-18381
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:37 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling annuleringsverzekering en ontvangst opzegging niet aangetoond

Tussen Unigarant BV en de gedaagde bestaat een overeenkomst voor een doorlopende annuleringsverzekering. Unigarant heeft premie in rekening gebracht voor de periode van 18 december 2012 tot en met 17 december 2013. De gedaagde stelt de verzekering op 16 augustus 2012 te hebben opgezegd, maar Unigarant betwist de ontvangst van deze opzegging.

De rechtbank stelt vast dat de gedaagde onvoldoende bewijs heeft geleverd dat de opzegbrief is ontvangen door Unigarant, waardoor de opzegging niet rechtsgeldig is aangetoond. Ook het verweer dat Unigarant haar rechten heeft verwerkt door geen invorderingsmaatregelen te nemen, wordt verworpen.

De rechtbank veroordeelt de gedaagde tot betaling van de premie, de wettelijke rente vanaf 18 december 2012 en de buitengerechtelijke incassokosten conform het toepasselijke tarief. Tevens wordt de gedaagde veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van premie, wettelijke rente en incassokosten wegens niet aangetoonde opzegging.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht
Locatie Groningen
Zaak\rolnummer: 3689851 / 14-18381
Vonnis d.d. 1 april 2015
inzake

de naamloze vennootschap Unigarant BV,

gevestigd te ’s-Gravenhage,
eiseres, hierna Unigarant te noemen,
gemachtigde De Klerk & Vis, gerechtsdeurwaarders te Amsterdam,
tegen

[gedaagde],

wonende te [adres],
gedaagde, hierna [gedaagde] te noemen,
in persoon procederende.

PROCESGANG

De procesgang blijkt uit het volgende:
- dagvaarding
- conclusie van antwoord
- conclusie van repliek
- conclusie van dupliek.
Unigarant heeft producties in het geding gebracht.
Vonnis is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

De feiten
1. Als gesteld en erkend, dan wel niet (gemotiveerd) weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud van de overgelegde producties staat het volgende vast.
1.1.
Tussen partijen bestaat een overeenkomst ter zake van een doorlopende annuleringsverzekering met polisnummer [nummer].
1.2.
Unigarant heeft [gedaagde] over de periode 18 december 2012 tot en met 17 december 2013 een bedrag van € 71,46 aan premie in rekening gebracht.
De vordering
2. Unigarant vordert de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 111,46 vermeerderd met de wettelijke rente over € 71,46 vanaf 18 december 2012 tot aan de dag der algehele voldoening, alsmede tot betaling van de proceskosten.
3. De vordering is als volgt opgebouwd:
- hoofdsom € 71,46
- incassokosten
€ 40,00
€ 111,46.
Het standpunt van Unigarant
4. Naast de vaststaande feiten legt zij het volgende aan haar vordering ten grondslag.
4.1.
Unigarant betwist een opzegging van [gedaagde] te hebben ontvangen. [gedaagde] dient de premie daarom aan haar te voldoen.
4.2.
Omdat [gedaagde] niet tot betaling is overgegaan, is hij ook de gevorderde rente verschuldigd. Verder rechtvaardigen de werkzaamheden die haar gemachtigde heeft verricht de gevorderde buitengerechtelijke kosten.
Het standpunt van [gedaagde]
5. Hij voert - zakelijk weergegeven en voor zover hier van belang - het volgende als verweer aan.
5.1.
[gedaagde] heeft de overeenkomst bij brief van 16 augustus 2012 opgezegd. In zijn opzegging heeft hij vermeld dat indien Unigarant niet op de opzegging reageert, hij ervan uitgaat dat de opzegging geaccepteerd is. [gedaagde] heeft tot op het moment dat hij de dagvaarding ontving niets van Unigarant vernomen.
5.2.
De verzekering is door [gedaagde] op de juiste wijze opgezegd en [gedaagde] is niets meer aan Unigarant verschuldigd. Hij betwist dan ook de door Unigarant gevorderde kosten.
De beoordeling
6. Vast staat dat er tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen met betrekking tot een annuleringsverzekering. In geschil is het antwoord op de vraag of voornoemde overeenkomst door [gedaagde] is opgezegd. De kantonrechter overweegt in dat kader als volgt.
7. [gedaagde] heeft gesteld dat de overeenkomst door hem bij brief van 16 augustus 2012 is opgezegd. Unigarant heeft evenwel betwist deze brief te hebben ontvangen. Ingevolge artikel 3:37 lid 3 BW Pro is het in beginsel aan de verzender van een poststuk om aannemelijk te maken dat de geadresseerde dat stuk heeft ontvangen dan wel niet heeft ontvangen ten gevolge van een hem of haar toe te rekenen omstandigheid. Door [gedaagde] is in dat kader onvoldoende naar voren gebracht. Dit betekent dat aan dit verweer van[gedaagde] voorbij zal worden gegaan en in rechte niet vast staat dat de overeenkomst is opgezegd.
8. Voor zover [gedaagde] heeft willen betogen dat Unigarant haar rechten met betrekking tot onderhavige vordering heeft verwerkt door anderhalf jaar geen invorderingsmaatregelen te nemen, gaat de kantonrechter ook hieraan voorbij omdat het enkele stilzitten van een partij daarvoor onvoldoende is.
9. In het licht van het voorgaande komt de kantonrechter tot de conclusie dat de vordering in hoofdsom voor toewijzing gereed ligt. Omdat [gedaagde] dit bedrag niet op tijd heeft betaald, is hij daarmee in verzuim en is hij de door Unigarant gevorderde wettelijke rente verschuldigd.
10. Het gevorderde bedrag ter zake buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten daarvoor voorgeschreven tarief en zal worden toegewezen.
11. [gedaagde] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten.

BESLISSING

De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om tegen kwijting aan Unigarant te betalen € 111,46 vermeerderd met de wettelijke rente over € 71,46 vanaf 18 december 2012 tot de dag der algehele voldoening;
veroordeelt [gedaagde] tevens in de kosten van het geding, aan de zijde van Unigarant tot aan deze uitspraak vastgesteld op € 116,- aan griffierecht, € 95,43 aan explootkosten en € 60,- voor salaris van de gemachtigde;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. van den Noort, kantonrechter, en op 1 april 2015 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.
eh