Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
II.[eiser 2], wonende te Amsterdam, [eiser 2]),
KPN B.V., te ‘s Gravenhage (gemachtigde: mr. L. Steenhoven).
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terschelling aan KPN B.V. voor de bouw van een vakwerkmast van 39,9 meter hoog op een perceel te Midsland. Eisers en een andere belanghebbende maakten bezwaar tegen het besluit, maar deze werden ongegrond verklaard of niet-ontvankelijk.
De rechtbank oordeelt dat eisers onvoldoende belanghebbende zijn omdat hun recreatiewoning op meer dan 300 meter afstand van de mast ligt, waardoor hun belangen niet rechtstreeks worden geraakt. Tevens is vastgesteld dat de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing was en dat het besluit in overeenstemming is met de relevante wet- en regelgeving, waaronder de Wabo en het Besluit omgevingsrecht.
De rechtbank gaat in op de motivering van het college omtrent de locatiekeuze, hoogte van de mast en het ontbreken van alternatieve locaties. Ook wordt geoordeeld dat de effecten op Natura 2000-gebied en geluidshinder adequaat zijn beoordeeld. De klachten over het welstandsadvies worden verworpen vanwege het ontbreken van gemotiveerde betwisting door eisers. De beroepen worden ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning voor de vakwerkmast worden ongegrond verklaard en het bezwaar van eisers niet-ontvankelijk.