Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 augustus 2015 in de zaak tussen
Procesverloop
46 uur per week. Het dagloon is vastgesteld op € 142,01.
Overwegingen
3 maart 2014 tot en met 30 november 2014. De betaling van overuren in periode 13 van 2014 kan verweerder niet meenemen in de vaststelling van het dagloon, omdat die betaling buiten de referteperiode valt. In het door eiser ingebrachte deel van de vaststellingsovereenkomst tussen eiser en de werkgever staat dat de overuren bij de eindafrekening worden uitbetaald. Gezien die overeenkomst is het loon betaalbaar gesteld ná de referteperiode. De uitbetaling van de overuren kan dus niet worden meegenomen in de vaststelling van het dagloon.
28 november 2014, met elkaar overeengekomen dat de werkgever de overuren over de periode van non-actiefstelling in december zou uitbetalen. Daarmee ligt het – tussen de werknemer en werkgever overeengekomen – moment van betaling van de overuren buiten de referteperiode. Die omstandigheid duidt niet op het tijdens de referteperiode bestaan hebben van een situatie van niet-inbaarheid. De rechtbank volgt eiser dan ook niet in het standpunt dat het loon over de overuren niet-inbaar was.