Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Sportstad Heerenveen BV, te Heerenveen (gemachtigde mr. S. Maakal).
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoekster, DTEX Holding BV, wilde een speedsoccercentrum exploiteren op een locatie in Heerenveen, waarvoor een omgevingsvergunning nodig was omdat het gebruik in strijd was met het bestemmingsplan. Na een aanvraag en bezwaarprocedure werd een omgevingsvergunning van rechtswege verleend omdat de beslistermijn was verstreken zonder besluit. Tegen deze vergunning maakte derde-belanghebbende, Sportstad Heerenveen BV, bezwaar, waardoor de vergunning geschorst werd.
Verzoekster vroeg de voorzieningenrechter om de schorsing op te heffen zodat zij het centrum kon openen. De voorzieningenrechter oordeelde dat derde-belanghebbende belanghebbende was omdat zij in hetzelfde marktsegment actief is. Hoewel er sprake was van spoedeisend belang bij verzoekster, was het niet aannemelijk dat de vergunning in bezwaar gehandhaafd zou worden.
De vergunning betrof strijdig gebruik met het bestemmingsplan en het gemeentelijk beleid was gericht op grootschalige bedrijvigheid, wat niet overeenkomt met het speedsoccercentrum. Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek tot voorlopige voorziening af en liet de schorsing van de vergunning in stand.
Uitkomst: Het verzoek om opheffing van de schorsing van de van rechtswege verleende omgevingsvergunning wordt afgewezen.