ECLI:NL:RBNNE:2015:4411
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens geen schijn van partijdigheid
In deze civiele procedure heeft partij [A] een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. T.K. Hoogslag, kantonrechter bij de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden. Het verzoek was gebaseerd op het feit dat de rechter het verzoek van [A] om getuigen te horen nog niet had ingewilligd, wat volgens [A] een schijn van partijdigheid zou kunnen opleveren.
De wrakingskamer, bestaande uit mr. A.H.M. Dölle, mr. J.C.G. Leijten en mr. P.G. Wijtsma, heeft het verzoek behandeld en overwogen dat het uitblijven van een beslissing op het aangeboden getuigenbewijs niet leidt tot een schijn van partijdigheid. De kamer benadrukte dat de beoordeling van bewijs en het al dan niet horen van getuigen onderdeel is van het vonnis dat nog moet worden gewezen.
Verder werd opgemerkt dat de door [A] aangehaalde vergelijkbare zaken nog niet tot een vonnis hadden geleid en dat eerdere uitspraken waarin geen getuigen werden gehoord niet automatisch relevant zijn voor de onderhavige zaak. Ook werd gewezen op het feit dat kort geding procedures zich niet lenen voor bewijslevering.
De wrakingskamer concludeerde dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestaat en wees het wrakingsverzoek af. De procedure wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het indienen van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. T.K. Hoogslag wordt afgewezen wegens het ontbreken van enige schijn van partijdigheid.