Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen rechter G.B.A. Brummer omdat deze eerder als inspecteur bij de Belastingdienst werkzaam was en nu een zaak behandelt waarbij de Belastingdienst partij is.
De rechtbank overwoog dat de rechter sinds zijn benoeming als rechter-plaatsvervanger meer dan drie jaar geen zaken heeft behandeld waarbij het betrokken Belastingdienstkantoor Groningen partij was, en dat in de hoofdzaak een ander kantoor van de Belastingdienst betrokken is. Tevens is niet gebleken dat de rechter betrokken was bij de specifieke zaak.
De rechtbank baseerde zich op de maatstaf dat een rechter wordt verondersteld onpartijdig te zijn en dat verzoeker aannemelijk moet maken dat bijzondere omstandigheden dit tegenspreken. Dit is niet gelukt, waardoor het wrakingsverzoek werd afgewezen en de procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet.