ECLI:NL:RBNNE:2015:5709
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie wegens overlijden verdachte in doodslagzaak
De rechtbank Noord-Nederland behandelde de zaak tegen de verdachte die werd verdacht van het opzettelijk en met voorbedachten rade beroven van het leven van het slachtoffer in juni 2013. De tenlastelegging betrof onder meer het meermalen met kracht tegen het hoofd en andere lichaamsdelen schoppen en slaan, het binden van het slachtoffer en het in brand steken, wat leidde tot het overlijden van het slachtoffer.
Tijdens de terechtzittingen op 4 en 26 november 2015 was de verdachte niet aanwezig en werd hij ook niet vertegenwoordigd door zijn advocaat. Het openbaar ministerie werd vertegenwoordigd door mr. P.F. Hoekstra en mr. R.G. de Graaf. Op basis van een gewaarmerkt afschrift van de akte van overlijden van de verdachte, overgelegd door het openbaar ministerie, bleek dat de verdachte op 1 juli 2014 was overleden.
Gezien het overlijden van de verdachte verklaarde de rechtbank het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging, conform artikel 69 van Pro het Wetboek van Strafrecht, omdat het recht tot strafvordering in deze zaak is vervallen. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de strafrechtbank te Leeuwarden op 10 december 2015.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het overlijden van de verdachte.