ECLI:NL:RBNNE:2015:6096
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid en veroordeling voor rijden onder invloed met ongeldig verklaard rijbewijs
Verdachte werd vervolgd voor het rijden onder invloed van alcohol met een ademalcoholgehalte van 685 microgram per liter uitgeademde lucht, ruim boven de toegestane 220 microgram. Het CBR had eerder het rijbewijs van verdachte ongeldig verklaard na een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid vanwege alcoholafhankelijkheid.
De verdediging voerde aan dat de strafvervolging in strijd was met het verbod op dubbele bestraffing en de beginselen van een goede procesorde, verwijzend naar een Hoge Raad-uitspraak over het alcoholslotprogramma. De rechtbank oordeelde echter dat de ongeldigverklaring van het rijbewijs een bestuurlijke maatregel is die niet direct voortvloeit uit het strafbare feit en geen strafrechtelijke sanctie vormt.
De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte op 7 maart 2013 onder invloed reed en veroordeelde hem tot een voorwaardelijke geldboete van €850,-. Een ontzegging van de rijbevoegdheid werd niet opgelegd vanwege de reeds bestaande ongeldigverklaring. Tevens werd het OM ontvankelijk verklaard in de strafvervolging.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van €850,- wegens rijden onder invloed met ongeldig verklaard rijbewijs.