Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Vordering officier van justitie
Beoordeling van het bewijs
Opmerking/vraag verbalisanten: We houden je een stuk voor uit de verklaring van [medeverdachte 1] : "Tijdens het soep eten bij schoonmoeder [medeverdachte 3] ( [medeverdachte 5] ) hebben [verdachte] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 5] gesproken over [pleegplaats 1] . Ook de dinsdag voorafgaand aan de overval hebben [verdachte] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [bijnaam 2] en [voornaam] gesproken over [pleegplaats 1] bij [medeverdachte 3] thuis. [medeverdachte 3] vertelde dat hij hoorde van zijn schoonmoeder dat haar ex, een man uit [pleegplaats 1] voor wie zij de financiën deed, veel geld op zijn rekening heeft. Zij vertelde tevens de pincode van de bankpas: [pincode] . Op de blauwe pas (rekening bedrijf) zou zeker € 45.000,00 staan, op de andere twee passen zeker € 10.000,00. De man had zijn linker schouder kapot gehad en daar zou hij op moeten worden gepakt." Wat vind je daarvan?) Dat van dat geld en die schouder heb ik wel gehoord. Dat dit is besproken bij mijn moeder tijdens dat eten, dat klopt wel. Dat heb ik daar wel gehoord. Ik wist wel dat [bijnaam 1] wat wilde gaan doen. Ik wist wel dat hij erheen zou gaan. Ik wist dat ze hem gingen pakken. (
Vraag verbalisanten: Op de 26ste app je naar je moeder dat ze er mee bezig zijn en dat je een foto laat zien, hoe zit dat?) Dat was op de 26ste. Dat kan ik mij nog herinneren. Toen waren [bijnaam 3] , [bijnaam 2] , [bijnaam 1] en [voornaam] ook bij mij. Ze zaten bij mij aan de eettafel. Ze hadden het erover dat ze het zouden gaan doen. [bijnaam 1] zei toen ook dat hij vond dat [slachtoffer] dit verdiende. [bijnaam 2] vroeg: "Hoe ziet die man eruit." Ik heb gezegd: "Ik kan je wel een foto laten zien." Ik heb op mijn telefoon een foto opgezocht van [slachtoffer] . Deze foto heb ik laten zien aan [bijnaam 2] . Toen zei hij: "Deze kan ik makkelijk aan." (
Vraag/opmerking verbalisanten: Op de 27ste is al 's ochtends vroeg op de app gezegd: "en, nope, pfff, auto is echt een probleem, hoeveel geld is er te halen." Wat gebeurt hier?) Die ochtend had ik app met mijn moeder. [bijnaam 1] was ook bij mij op de kamer. Toen vroeg [bijnaam 1] of ik aan mijn moeder wilde vragen hoeveel geld er was te halen. Ik heb dat op mijn app getypt en aan mijn moeder gestuurd. (
Vraag/opmerking verbalisanten: Dan volgt er vanaf jouw app: "maar er zijn 3 passen toch, op alle 3 zal vast wat staan.") [bijnaam 1] las die app gewoon mee. Ik heb deze tekst op verzoek van [bijnaam 1] getypt. Ik wist van het plan. Ik wist niet alle details, maar wel dat ze hem wat wilden gaan doen. Ik wist dat ze daarheen gingen, ik wist op welke dag, ik wist dat ze een breekijzer meenamen, dat [bijnaam 1] en mijn Moeder het hadden besproken en dat [bijnaam 1] het met mij een beetje had besproken. (
Vraag verbalisanten: Heeft [bijnaam 1] op een gegeven moment ook oog gekregen voor het feit dat er geld te halen was?) Natuurlijk. Het begon met het onrechtvaardigheidsgevoel. Maar later is dat natuurlijk ook ontstaan. Ik wist dat [bijnaam 1] het die dag, die woensdag ging doen. Die middag pakte hij het wapen van de kast. Ik wist dat hij het ging meenemen die avond om het te gaan doen.
de rechtbank begrijpt: TW Steel). De ander is een TAG heue (
de rechtbank begrijpt: TAG Heuer), dit is een namaak. Daarnaast is er nog een LG boxje weg welke bij een iPhone hoort.