ECLI:NL:RBNNE:2015:713

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
24 februari 2015
Publicatiedatum
20 februari 2015
Zaaknummer
3650107 / EZ VERZ 14-218
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:208 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot benoeming rechter-commissaris in nalatenschap

De vereffenaar van de nalatenschap van de overledene heeft bij de rechtbank Noord-Nederland een verzoek ingediend tot benoeming van een rechter-commissaris ex artikel 4:208 lid 1 BW Pro. Dit verzoek werd ingediend op 28 november 2014 en behandeld op 17 februari 2015. De vereffenaar stelde dat een rechter-commissaris een vast aanspreekpunt zou vormen en een eenvoudigere, snellere en directere overlegvorm mogelijk zou maken.

De nalatenschap kende enkele complicaties, zoals een gelegateerde zweefmolen, een ongelukkig geformuleerd testament, een legataris zonder geld, een legitimaris en een erfgenaam. Desondanks oordeelde de rechtbank dat deze omstandigheden geen aanleiding geven tot benoeming van een rechter-commissaris. De vereffenaar, een notaris, wordt geacht voldoende deskundig te zijn om de vereffening zelfstandig te verrichten zonder frequente ruggenspraak.

Bovendien geniet de vereffenaar reeds toezicht van de kantonrechter, die voldoende kundigheid bezit voor de afwikkeling van deze nalatenschap. De veronderstelling dat de kantonrechter minder toegankelijk zou zijn dan een rechter-commissaris werd door de rechtbank als een misvatting beschouwd. Daarom werd het verzoek afgewezen en de beschikking op 24 februari 2015 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van een rechter-commissaris wordt afgewezen wegens onvoldoende aanleiding.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht
Locatie [geboorteplaats]
zaak/rolnr.: 3650107 / EZ VERZ 14-218

beschikking d.d. 24 februari 2015

op het verzoek ex artikel 4:208 lid 1 BW Pro

in de nalatenschap van
[erflater], geboren in de gemeente [geboorteplaats] op [geboortedag 2], overleden in de gemeente [geboorteplaats] op [zzz], laatst gewoond hebbende te 8934 CA [geboorteplaats], [adres], hierna ook te noemen de erflater,
ingediend door

Mr. Cornelis Krijger,

notaris te [geboorteplaats],
in zijn hoedanigheid van vereffenaar van voormelde nalatenschap,
advocaat: mr. L. Ahlers,
strekkende tot benoeming van een rechter-commissaris.

Procedure

Het verzoek is ingediend op 28 november 2014.
De behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden ter terechtzitting van dinsdag 17 februari 2015. Verschenen zijn de vereffenaar, mr. L. Ahlers en [erfgename], erfgename.

De beoordeling

De vereffenaar heeft ter toelichting op zijn verzoek gesteld dat hij belang heeft bij benoeming van een rechter-commissaris, omdat een aan de zaak gekoppelde rechter-commissaris voor hem een vast aanspreekpunt zal zijn, terwijl hij anders te maken zou krijgen met een medewerker van de griffie. Een rechter-commissaris zal dan ook, aldus de vereffenaar, toegankelijker zijn dan een kantonrechter en met een rechter-commissaris zal een eenvoudigere, snellere en directere vorm van overleg mogelijk zijn, terwijl hij er waarschijnlijk ook iets meer verstand van heeft.
De vereffenaar wijst erop dat er haken en ogen aan de vereffening van de nalatenschap zitten, in verband met het feit dat sprake is -kort samengevat- van een gelegateerde zweefmolen, een ongelukkig geformuleerd testament, een legataris zonder geld, een legitimaris en een erfgenaam.
Naar het oordeel van de rechtbank geven de door vereffenaar genoemde gegevens betreffende de nalatenschap geen aanleiding voor benoeming van een rechter-commissaris. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de vereffenaar een notaris is, en als zodanig ter zake van de afwikkeling van nalatenschappen, inzonderheid ook de vereffening daarvan, voldoende onderlegd mag worden geacht om vereffeningen van enige complexiteit ter hand te nemen, zonder veelvuldig ruggenspraak te hoeven plegen met een rechter-commissaris. Voorts geniet de vereffenaar ook thans reeds het toezicht van de kantonrechter, waarbij zij opgemerkt dat de vereffenaar geen zaken heeft genoemd die een grotere kundigheid vereisen dan de kantonrechter bezit (en die mogelijk benoeming van een ter zake gespecialiseerde rechter als rechter-commissaris aangewezen zouden maken).
Bij dit laatste zij opgemerkt dat voor zover de vereffenaar veronderstelt dat de kantonrechter minder toegankelijk is dan een rechter-commissaris (en dat contact en overleg met de kantonrechter stroever en langzamer pleegt te verlopen), deze veronderstelling op een misvatting berust.
Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.

Beslissing

De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Aldus gegeven te [geboorteplaats] en in het openbaar uitgesproken op 24 februari 2015 door
mr. J.E. Biesma, rechter, in tegenwoordigheid van de griffier.
c 18.