ECLI:NL:RBNNE:2015:846
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs feitelijke aanranding van de eerbaarheid
Op 19 februari 2015 heeft de rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van feitelijke aanranding van de eerbaarheid. De tenlastelegging betrof een incident in september 2012 waarbij verdachte werd verweten een persoon te hebben gedwongen tot ontuchtige handelingen door middel van geweld of bedreiging.
Tijdens de terechtzitting van 5 februari 2015 werd het bewijs besproken. Hoewel er sprake was van wettig bewijs, oordeelde de rechtbank samen met het openbaar ministerie en de raadsman dat niet overtuigend kon worden bewezen dat verdachte de tenlastegelegde feiten had gepleegd.
De rechtbank sprak verdachte daarom vrij van de tenlastegelegde feitelijke aanranding van de eerbaarheid. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer, waarbij de voorzitter en twee rechters het vonnis ondertekenden, met uitzondering van één rechter die niet kon medeondertekenen.
De zaak illustreert het belang van overtuigend bewijs bij strafrechtelijke vervolging en bevestigt het uitgangspunt dat bij twijfel vrijspraak moet volgen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van feitelijke aanranding van de eerbaarheid.