ECLI:NL:RBNNE:2016:2034
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur beroep tegen niet tijdig besluit nadeelcompensatie
Eiser diende op 24 maart 2015 een aanvraag in voor nadeelcompensatie bij het college van burgemeester en wethouders van Groningen. Nadat het college de aanvraag had voorgelegd aan de adviescommissie en aanvullende gegevens had opgevraagd, stelde eiser op 27 oktober 2015 verweerder in gebreke wegens het niet tijdig nemen van een besluit. Verweerder had echter de beslistermijn opgeschort vanwege de gevraagde aanvullingen, waardoor de ingebrekestelling prematuur was.
De rechtbank oordeelt dat de adviescommissie de beslistermijn redelijkerwijs mocht opschorten, mede gelet op de rol van de commissie als adviseur en het feit dat de aanvulling pas op 17 september 2015 plaatsvond. Hierdoor eindigde de beslistermijn niet eerder dan 3 december 2015, na de ingebrekestelling.
Eiser voerde verder aan dat hij verweerder opnieuw in gebreke had gesteld bij een verzoek om voorlopige voorziening, maar dit bleek niet uit de stukken. Bovendien was de beslistermijn door de verdaging van verweerder nog niet verstreken. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast verzocht eiser om schadevergoeding wegens het niet tijdig nemen van een besluit, maar had hij niet voldaan aan de vereiste van schriftelijke schadevergoedingaanvraag acht weken voorafgaand aan het verzoek. Dit verzoek is eveneens niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank wees proceskostenveroordeling af en wees op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om schadevergoeding worden niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuriteit en niet-naleving van vereisten.