Uitspraak
Bewijsvraag
Strafbaarheid van het feit
Strafbaarheid van verdachte
Strafoplegging
Toepasselijke wettelijke voorschriften
2 jaren, de hierna te noemen algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
Rechtbank Noord-Nederland
Op 9 september 2015 werd verdachte in de gemeente Groningen betrapt op het opzettelijk aanwezig hebben van ongeveer 3,878 gram cocaïne en 1,946 gram MDMA. Het openbaar ministerie legde verdachte dit ten laste en eiste een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van twee jaar, gekoppeld aan begeleiding door de reclassering.
De rechtbank achtte de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen op basis van de bekennende verklaring van verdachte en proces-verbalen van aanhouding en vondst van verdovende middelen. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
De rechtbank hield rekening met de aard en ernst van het feit, de eerdere justitiële documentatie van verdachte, en het feit dat verdachte ten tijde van het delict al in een proeftijd verkeerde. Gezien deze omstandigheden vond de rechtbank de gevorderde voorwaardelijke gevangenisstraf passend, met bijzondere voorwaarden waaronder begeleiding door de reclassering en onthouding van alcohol en drugs.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland op 29 januari 2016.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden.