Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Verdachte kan ook niet aan de fabricage van TATP worden verbonden. Voor TATP zijn een zuur, aceton en waterstofperoxide noodzakelijk. Aceton is nergens aangetroffen, terwijl de aangetroffen waterstofperoxide geen ander doel had dan het blonderen van haar en bovendien een veel te lage concentratie had om daarvan TATP te kunnen maken. Tot slot is azijnzuur aangetroffen. Voor TATP wordt volgens het NFI in de regel echter gebruik gemaakt van andere zuren, zoals zoutzuur, zwavelzuur en citroenzuur. Er zijn geen aanwijzingen dat er iets in de woning van [getuige 2] heeft plaatsgevonden dat met TATP te maken heeft. Alleen [getuige 2] heeft het over een ontploffing, terwijl dit incident na 1 augustus 2015 is geweest. Hierdoor ontbreekt elke relevantie met de feiten waar TATP aan de orde is.
dr. S. van Soest en opgenomen op pagina 494 e.v. van het FO dossier, voor zover inhoudende: