ECLI:NL:RBNNE:2016:5788

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
24 oktober 2016
Publicatiedatum
23 februari 2017
Zaaknummer
C/18/171097 / FA RK 16-3011
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 21 Wet Bopz
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing machtiging tot voortzetting van inbewaringstelling wegens ontbrekende persoonlijke psychiatrische beoordeling

De burgemeester van een gemeente gaf een last tot inbewaringstelling af voor betrokkene, die verblijft in een psychiatrische kliniek. De officier van justitie verzocht om verlenging van deze inbewaringstelling. De rechtbank Noord-Nederland behandelde dit verzoek op 24 oktober 2016.

De geneeskundige verklaring, vereist op grond van artikel 21 van Pro de Wet Bopz, was opgesteld door een psychiater die betrokkene niet persoonlijk had onderzocht, maar zich baseerde op informatie van derden. Betrokkene had de toegang tot haar woning voor de psychiater geweigerd.

Volgens vaste jurisprudentie moet een betrokkene persoonlijk door een psychiater worden onderzocht voor het opstellen van een geldige geneeskundige verklaring. Indien een niet-psychiater deze verklaring opstelt, dient een onafhankelijk psychiater betrokkene zo spoedig mogelijk na vrijheidsbeneming alsnog te onderzoeken. Dit onderzoek heeft in deze zaak niet plaatsgevonden, waardoor de verklaring niet voldoet aan de wettelijke eisen.

De rechtbank oordeelde daarom dat het verzoek tot verlenging van de inbewaringstelling moet worden afgewezen. Tegen deze beschikking is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de inbewaringstelling is afgewezen wegens het ontbreken van een persoonlijk psychiatrisch onderzoek.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht
Locatie: Groningen

Afwijzing machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling

Zaak-/rekestnr.: C/18/171097 / FA RK 16-3011

Beschikking van 24 oktober 2016,

van de rechtbank Noord-Nederland naar aanleiding van het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling van:

[naam 1] ,

geboren op [geboortedatum]
wonende te [plaats] ,
thans verblijvende in de kliniek van Lentis Groningen,
hierna te noemen: betrokkene.

Procesverloop

De burgemeester van de gemeente [plaats] heeft bij beschikking van 20 oktober 2016 een last tot inbewaringstelling afgegeven. Deze beschikking is, evenals de geneeskundige verklaring als bedoeld in artikel 21 van Pro de Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (Wet Bopz) overgelegd.
Op 21 oktober 2016 heeft de officier van justitie het verzoek ingediend.
De rechtbank heeft op 24 oktober 2016 de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door mr. L.G. Mellens-Schrage,
- mw. [naam 2] , psychiater.

Beoordeling

Uit de stukken blijkt dat de psychiater die de geneeskundige verklaring heeft opgemaakt, betrokkene niet persoonlijk heeft gezien. Zijn verklaring is opgesteld enkel op basis van informatie van derden. Betrokkene weigerde de psychiater de toegang tot haar woning en deed de deur voor hem dicht.
Volgens de jurisprudentie inzake het opstellen van een geneeskundige verklaring in verband met het afgeven van een last tot inbewaringstelling moet de betrokkene door een psychiater zijn gezien, die op basis van zijn onderzoek de geneeskundige verklaring opstelt. Wanneer een arts, niet psychiater de geneeskundige verklaring opstelt moet volgens vaste jurisprudentie de betrokkene zo snel mogelijk na de feitelijke vrijheidsbeneming alsnog door een onafhankelijk psychiater worden gezien.
Een redelijke toepassing van de wettelijke bepalingen inzake de geneeskundige verklaring in het kader van de inbewaringstelling en de uitleg daarvan in de jurisprudentie brengt met zich mee dat, wanneer de psychiater de verklaring heeft opgesteld zonder betrokkene met dat doel zelf te hebben onderzocht, een dergelijk onderzoek alsnog dient plaats te vinden zo spoedig mogelijk na op vrijheidsbeneming. Dat is in deze zaak niet gebeurd waardoor de geneeskundige verklaring niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Reeds om die reden zal het verzoek worden afgewezen.

Beslissing

De rechtbank:
wijst af het verzoek tot verlening van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling.
Deze beschikking is gegeven te Groningen door mr. R.B.M. Keurentjes, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 24 oktober 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.
(
fn: RH)
Tegen deze beschikking staat geen gewoon rechtsmiddel open.